Redactie TC Theater TV
Gigi Schuiten Hoofdredactie, camera en montage
Gert-Jan Stam Camera en presentatie
Nico Haasbroek adviseur, presentatie speciale projecten E-mail Vacature
Persberichten
De redactie krijgt persberichten, nieuwtjes en wetenswaardigheden bij voorkeur digitaal aangeleverd. Stuur je tekstbestanden, bijvoorkeur voorzien van beeldmateriaal per e-mail
Theatermakers en gezelschappen
Het is theatermakers en gezelschappen toegestaan artikelen over hun eigen voorstellingen c.q. gezelschap over te nemen op hun eigen website, mits daarbij de bron en een link naar bron worden vermeld.
Theaters en festivals
Het is theaters en festivals toegestaan artikelen van TheaterCentraal.nl uit te printen en te gebruiken als promotiemateriaal op hun aankondigings- en of persborden. Het is niet toegestaan artikelen door te publiceren in andere media zonder schriftelijke toestemming van de uitgever.
Disclaimer
De uitgever besteedt veel aandacht aan de actualiteit en betrouwbaarheid van de informatie, welke ook gedeeltelijk van derden wordt verkregen, op de internetsite. De uitgever kan niet verantwoordelijk en/of aansprakelijk worden gesteld voor eventuele fouten, omissies, snelheid en onvolkomenheden in de verstrekte informatie.
Opus XX theatergroep Zuidpool
Twintigste eeuw als Arctisch landschap met geniale trekken
Vlak na het formele einde van de twintigste eeuw publiceert de Tsjechisch-Franse schrijver Patrik Ourednik zijn `Europeana: een zeer korte geschiedenis van de twintigste eeuw’. Op dit boek baseert het Antwerpse Zuidpool haar nieuwe voorstelling `Opus XX’. Zuidpool doet haar naam eer aan met deze productie en begeeft zich op nauwelijks ontgonnen gebied. `Opus XX’ kent geen dramatische ontwikkeling in klassieke zin, geen personages, er is alleen een vertelster. In haar verhaal vervult de eeuw zelf de hoofdrol.
Stalin, Adolf en Eisenhouwer ontbreken daarin evenals alle andere persoonsnamen die meest als bakens boven de kaart van de geschiedenis uitsteken; er zijn hier alleen anekdotes, statistieken en elkaar tegensprekend gedachtegoed, in een litanie bij elkaar gebracht. De Lebensraum-plannen van nazi-Duitsland, de grootse projecten van de Sovjets, de banlieues en ruilverkaveling, staan naast de slachtoffers van de wereldoorlogen. En als alle Duitse slachtoffers van de Eerste Wereldoorlog achter elkaar gelegd worden zou dat een lijkenketting van 3010 kilometer lengte opleveren. Voor Ourednik is de twintigste eeuw de periode van de optimalisering van de geografische ruimte. Maar tijd om alles te laten bezinken worden vertelster noch publiek gegeven want alweer een nieuw onderwerp dient zich aan. De tekst springt voor- en achteruit in de tijd.
Lees verder >>>
An Anthology of Optimism Pieter De Buysser & Jacob Wren
Als vrijgevochten kunstenaar met anti-kapitalistische idealen en wrok tegen hier en daar opkomende rechtse regeringen is het moeilijk om optimistisch in het leven te blijven staan. De schrijver/theatermakers Jacob Wren en Pieter De Buysser proberen deze ‘weltschmerz’ te vertalen in een gebalanceerde denkoefening over de kracht van een optimistische wereldbeschouwing.
‘An Anthology of Optimism’ is een zoektocht naar wat optimisme kan betekenen in de 21e eeuw. In functie van hun onderzoek stuurden ze een brief aan schrijvers, kunstenaars, denkers, wetenschappers, politici en zakenlui van over de hele wereld met de vraag hierop te reageren met een bijdrage die vertelt over wat volgens hen een antwoord kan zijn op deze vraag. Het resultaat is een collectie van teksten, foto’s, objecten, schilderijen, films en muziekstukken. Wren en De Buysser gebruiken dit materiaal om het concept van kritisch optimisme van verschillende kanten te belichten.
Lees verder >>>
In het dorp zijn de weldadige bronnen en het badhuis de belangrijkste bron van inkomen. De bron is echter vervuild en een gevaar voor de volksgezondheid. Als deze conclusie wordt getrokken is het toch niet anders dan een plicht om te waarschuwen en de vervuiling te stoppen? Zo niet in ‘Vijand van het volk’ van de Noorse schrijver Ibsen. Meer dan honderd jaar geleden schreef hij een toneelstuk, dat vandaag de dag niet anders dan actueel te noemen is. Toneelgroep Maastricht brengt dit maatschappijkritisch drama in een hedendaagse setting.
Zoon Reinier Demeijer tokkelt ontspannen wat op zijn gitaar en journalist Freek den Hartogh pingelt wat mee op piano. Iedereen is nog vriendschappelijk en eensgezind. Er ontstaat pas wat onrust als tante, mevrouw de burgemeester Mara van Vlijmen verschijnt. Ze wil niet mee-eten, geen cocktail, kortom niet deelnemen aan de gezelligheid in het huis van haar broer, Olaf Malmberg, de wetenschapper. Een muzikaal intermezzo waaraan alle acteurs deelnemen wuift de spanning weer weg. Totdat het vermoeden van de wetenschapper door een onafhankelijk onderzoek wordt bevestigd en het bronwater vervuild blijkt.
Lees verder >>>
Voor liefhebbers van Frances Hodgson Burnetts klassieker ‘De geheime tuin’ is het even schrikken: M-Lab heeft de tekst grondig vernederlandst. Hoofdpersoon Mary heet Marie en verhuist niet van India naar Engeland, maar van Indië naar Nederland. Het is niet van invloed op de magische aantrekkingskracht van de geheime tuin. Daarin bloeien, ook in M-Labs Nederlandse musicalversie, zelfs de grootste pessimisten op.
Frances Hodgson Burnett (1849-1924) schreef ‘De geheime tuin’ in 1911. De klassieker boeit en ontroert jong en oud al bijna een eeuw. Het in 2007 opgerichte M-Lab is een laboratorium dat jonge muziektheatertalenten, uit in dit geval de ‘De geheime tuin’, produceert en een podium biedt. De toeters en bellen die megamusicalproducties kenmerken ontbreken in M-Lab producties. Daarin staat het verhaal centraal.
Lees verder >>>
Irakees theatermaker Hazim Kamaledin maakt een artistieke vertaalslag. Het menselijke drama van het bloederige bewind van Saddam Hoessein is niet te overzien, maar kan worden gekaderd door het te stellen in een historisch en een alledaags perspectief. Een zoektocht naar geruststelling in oude verhalen en een behulpzame buurvrouw.
‘By the rivers of Babylon… ye-eah, we wept…’ klinkt gedempt door speakers terwijl toeschouwers zich bedeesd een weg banen door de gangen en kelders van de Antwerpse Monty. De dochters van Babylon hebben in de geschiedenis veel bloed vergoten zien worden en zoute tranen gelaten. Een deel van het publiek bevindt zich plots in een afgesloten ruimte. Een tombe? In het midden staat een kist. Uit een andere ruimte klinkt gezang en rondom deinzen tientallen koptelefoons aan draden op de muziek. Met de hoofdtelefoons op focust de aandacht op de kist. Alleen geritsel en een ademhaling. De wereld om je heen verdwijnt. De toeschouwer wordt meegenomen in het verhaal van de in verpakkingsmateriaal verborgen vrouw die in je oor fluistert. Ze is een museumstuk dat zelf zorgt voor de audioguide.
Lees verder >>>
De uitgangspunten voor deze nieuwe `Woyzeck’ zijn even verleidelijk als de voorstelling zelf. De enscenering is van Robert Wilson maker van theaterstukken zoals de cyclus `The CIVIL warS’, de songs zijn van Tom Waits en Kathleen Brennan en het stuk wordt gespeeld door de acteurs van een vooraanstaand Duits theatergezelschap. De getalenteerde jonge regisseur Jorinde Dröse, maakt er haar debuut mee in Berlijn.
Met zoveel grote namen lijkt er weinig mis te kunnen gaan in deze muzikale enscenering van Georg Büchner’s beroemde toneelstuk. Maar loert juist niet daardoor het gevaar van een gemakzuchtige en behaagzieke pastiche in alle hoeken van het podium? Te meer daar het stuk in Wilson’s enscenering jaren geleden, weliswaar in andere regie en door een ander gezelschap, ook al in Berlijn furore maakte. En wie zingt Waits’ zonder de karakteristieke stem van Tom Waits zelf?
In een Commedia dell’arte achtige opening doet een jaarmarkt omroeper gespeeld door Markus Graf met rauwe stem kond van de staat van zijn van de mens:`Zie hier het kunstwerk, ’t gaat rechtop, heeft vest en broek,`t heeft een sabel! De mens is soldaat; het is nog niet veel, t’is nog de onderste trede van de menselijk soort’. Achter het doek klinkt muziek, ervoor zingt Graf de Waits-song `Misery Is the River of the World’. De toon is gezet: de stem en de houding van Markus Graf zijn Büchner en Waits waardig.
Het doek gaat op en er verschijnt een diep, als amfitheater gevormd toneel waar de acteurs letterlijk op- en afduiken. Het podium is hier een arena waar de Woyzeck’s van deze wereld voor de beesten worden geworpen.
Lees verder >>>
Niet voor het eerst bewerkte Guy Cassiers een roman tot theater. De gelauwerde Proust-cyclus en de voorstelling ‘Hersenschimmen’ zijn slechts twee voorbeelden. ‘Onder de vulkaan’ staat in dezelfde lijn. Het is ideeëntheater waarbij de innerlijke wereld van de hoofdpersoon verbeeld wordt door middel van videoprojecties. Dat Cassiers meester is in het gebruik van projecties mag duidelijk zijn. ‘Onder de vulkaan’ lijkt slechts een vingeroefening, die gebrek heeft aan emotionele diepgang.
‘Onder de vulkaan’ van Malcolm Lowry bezit allerlei elementen die de roman interessant maken voor het oeuvre van Guy Cassiers: wereldproblematiek (de Tweede Wereldoorlog staat op uitbarsten), een hoofdpersoon wiens perspectief vertroebeld is (in dit geval door een drankverslaving) en personages die zich in een kunstwereld begeven (de jeugdvriend van de hoofdpersoon is filmregisseur en de vrouw filmactrice). Het levert Cassiers de mogelijkheid om nieuwe visuele technieken te ontwikkelen. In deze voorstelling werkt hij met diepte en ook fragmentatie maakt een groot deel uit van de enscenering. Technisch is het zeer interessant, maar het ondersteunt het verhaal niet genoeg. De opnames die hij speciaal voor de voorstelling in Mexico maakte, zijn vaak slechts illustratief en de sfeer is niet vervreemdend, wat zou passen bij de gemoedstoestand van de hoofdpersoon.
Lees verder >>>
‘Een frisse wind’ is alweer de vijfde voorstelling van het cabaretduo Droog Brood. Opnieuw presenteren Bas Hoeflaak en Peter van de Witte een bonte verzameling absurdistische sketches, die vervreemding als het voornaamste doel lijken te hebben. Zonder enige boodschap of diepere lading leiden herkenbare situaties op kantoor of in de discotheek tot bizarre conversaties of ontwikkelingen.
Elke scène gaat uit van een ontmoeting, interactie tussen mensen. Dat het contact niet altijd vlekkeloos verloopt, spreekt voor zich. De twee heren van Droog Brood zijn meesters in het uit de context rukken van alledaagse, maar ook gevoelige onderwerpen en weten hier - schijnbaar moeiteloos - hilarische sketches van te maken. Deze draaien meestal om ongemak, fysiek dan wel communicatief. Het sobere, strakke decor, dat alleen uit een muurtje en drie wc-potten bestaat, vormt het ruimtelijke uitgangspunt voor elke scène. De blauwe verlichting geeft het geheel iets klinisch, alsof de ontmoetingen een soort wetenschappelijke experimenten zijn. Pijnlijke situaties worden daarbij niet geschuwd.
Lees verder >>>
Abattoir Fermé bestaat 10 jaar. Het Mechelse collectief viert haar jubileum met een tournee van ‘Galapagos’, naar eigen zeggen één van de sleutelproducties uit het oeuvre. Voor wie meer van Abattoir Fermé gezien heeft, weet dat de voorstelling garant zal staan voor een avond die balanceert op de grens van schoonheid en gruwel. ‘Galapagos’ stelt niet teleur en houdt het publiek in de greep met sterke beelden en uitgebreide verhandelingen.
Ook in deze voorstelling eisen de acteurs veel van zichzelf. Het begint met een man die aan zijn benen op zijn kop hangt en als een pendule heen en weer slingert. Als hij bijna stil hangt, krijgt hij weer een zwiep. Dit is nog maar een begin van een tocht die langs een onguur hotel, de evolutietheorie en sm-seks leidt. De speelstijl van Tine Van den Wyngaert en Pepijn Caudron is uiterst precies. Ze spelen diverse dubbelrollen, waarbij niet alle personages even duidelijk zijn. Ze kunnen vooral op het niveau van associaties aan elkaar gekoppeld worden. De trefzekerheid van de acteurs zorgt ervoor dat het associatievermogen van het publiek wordt aangewakkerd en op scherp blijft staan tot het einde van de voorstelling.
Lees verder >>>
Wat gebeurt er wanneer je in een tijd van swingerfeesten in vinexwijken, breezersletjes en orgastische shampooreclames een schandaalstuk uit 1900 op de planken zet? Voor een antwoord zo’n vraag kun je nu terecht bij Reigen van de Oostenrijkse schrijver Arthur Schnitzler en de nieuwste productie van het gezelschap Dood Paard dat deze week in het Frascati zijn première beleefde. Wat er tenminste niet gebeurt is publiek schandaal maar het behaaglijke karakter ervan geeft deze kluchtige zedenschets juist zijn wrange bijsmaak.
Reigen ad lib zoals de productie volledig heet is opgebouwd als een erotische schakelketting waar in tien scènes tien personages het bed met elkaar delen. Zo opent het met een prostituee en een soldaat en is het in de volgende scène de soldaat en een kamermeisje die de daad onderhandelen en afsluiten. Op een podium van matrassen verleiden de personages elkaar, wanneer het uiteindelijk tot de daad komt gaan de lichten uit en wordt er een barrage van pornobeelden geprojecteerd op de vitrage die de twee geliefden van de andere acteurs scheidt. Dit levert nog een vermakelijk moment op als het bij één van de personages niet helemaal naar verwachting wilt gaan. Lezen de acteurs in de coulissen eerst nog braaf hun script, ze worden naarmate het stuk vordert steeds actiever in de interactie tussen de geliefden op het podium. De toejuichingen en de grapjes zijn de stemmen vanuit het publieke domein die onverschillig staan tegenover moraliteit. De ‘ad lib’ achter Reigen zijn dan ook niet alleen de komische spontaniteiten van de acteurs. Het is ook de doe wat je wilt houding van een maatschappij die afkeuring als pedant beschouwt.
Lees verder >>>
Nobelprijswinnares Elfride Jelinek schreef een tekst over de huidige kredietcrisis. Meermaals gelauwerd regisseur Johan Simons zag er een belangwekkend toneelstuk in, waarin de domheid en het gevaar van het kapitalisme aan de kaak worden gesteld. De voorstelling blijft echter op afstand en de waarschuwing is niet voelbaar. Het gebrek aan inleving speelt zowel de acteurs als de tekst parten.
Geld verdwijnt in een oogwenk, maar je kunt het ook vanuit het niets maken. Twee goocheltrucs van Servé Hermans laten in een notendop zien, hoe het bankwezen heden ten dage werkt. De rest van de voorstelling ‘Underground’ is slechts een uitwerking van dit principe. In een lange tirade parodiëren de acteurs het systeem van hebzucht en de manier waarop de banken daarop inspelen. In deze versie is het zo klaar als een klontje dat geen van de klanten profijt heeft van de rentes en de beloften die gedaan worden. De enigen die erbij winnen zijn de bankdirecteuren zelf. De tekst van Elfride Jelinek toont aan dat consumenten er met open ogen in trappen. Het is een lesje retorica die de toeschouwers medeplichtig maakt.
Lees verder >>>
De kracht van toneelklassiekers is, dat de thematiek van alle tijden is. In de slimme koopman Lopachin valt moeiteloos een hedendaagse projectontwikkelaar te herkennen. Zijn wereldbeeld komt absoluut niet overeen met dat van de charmante, maar volstrekt onzakelijke aristocratische dame Ljoebow. Liever offert zij alles op, dan haar landgoed te corrumperen door er zomerhuisjes op te laten bouwen. De familie feest aan de rand van de financiële afgrond, crisis of niet. Regisseur Erik Vos slaagt erin de vele tegenstellingen in Tsjechov’s ‘De Kersentuin’ schitterend naar voren te laten komen met prachtige hoofdrollen van Stefan de Walle als Lopachin en Betty Schuurman als Ljoebow en sterke bijrollen voor alle andere acteurs.
Het toneel in de Koninklijke Schouwburg is voor de gelegenheid verlengd. Rij 4 is nu rij 1, wat voor enige amusante verwarring zorgt bij het zoeken van de juiste plaats. Dicht op de huid komt het spel van de acteurs. Bijvoorbeeld in de scène waarin de oude bediende Firs, een prachtige rol van Wim Meeuwisse, bij een nachtelijk vuur samen met gouvernante Charlotta (Bien de Moor) terugblikt op hun beider ongelukkige levensgeschiedenis. Hij heeft nog meegemaakt, dat de lijfeigenen werden vrijgemaakt. De ramp noemt hij dat, want een ander bestaan dan zijn meester te dienen kent hij niet.
Lees verder >>>
Wachten op Godot Toneelgroep Oostpool
Energieke uitvoering van sleutelstuk twintigste eeuw
‘Wachten op Godot’ van toneelgroep Oostpool wringt. De regisseur en acteurs lijken voorbij te gaan aan de bitterheid die past bij de tragi-komische personages die Samuel Beckett geschapen heeft. Maar schijn bedriegt hier. Met een lichtere vorm doen de acteurs op een andere manier recht aan de absurditeit van het stuk en de eeuw waarin het geschreven is, en geven het een actuele context.
“Ik schrijf over die dingen waar de rest van de kunst over zwijgt”, zei schrijver Samuel Beckett in een van zijn schaarse beschouwelijkheden over zijn eigen werk. Zijn ‘Wachten op Godot’ werd in 1953 voor het eerst opgevoerd. Evenals nu, diende toneel in die tijd meestal omstandigheden of personages en liefst beiden te hebben, die zich ontwikkelen. Weinig daarvan vinden we terug bij `Wachten op Godot’. Twee zwervers Vladimir en Estragon hier gespeeld door Stefan Rokebrand en Sanne den Hartogh, wachten op een zekere Godot. Ze kennen hem van horen zeggen en weten, zo blijkt uit hun gesprekken, niet precies waarom ze op hem wachten. Ze praten in korte zinnen vooral over datgene wat ze niet weten en dat wat ze vergeten zijn. Voortdurend zijn er misverstanden. Al snel wordt duidelijk dat het wachten op Godot in het verlengde ligt van hun bestaan en dat wachten als afgeleide van afwachten al vele jaren hun voornaamste bezigheid is.
Lees verder >>>
De opera ‘Salome’ van Richard Strauss werd bij De Nederlandse Opera voor het laatst in 2002 gespeeld in de veel geprezen regie van Harry Kupfer. Nu is het de beurt aan zijn landgenoot Peter Konwitschny, die zeven jaar na die prachtige productie het Nederlandse publiek probeert te choqueren met een pornografisch enscenering van ‘Salome’.
Met ‘Salome’ overschreed Richard Strauss (1864 – 1949) de grenzen van de burgerlijke fatsoenswereld van zijn tijd. Hij schilderde in de opera de overdadige en onverhulde erotiek en de perverse en schaamteloze wellust van de Romeinse keizers rond het begin van de jaartelling. Toch zag Strauss de prinses Salome niet als een exotisch slangenmeisje, maar als een Oosterse prinses met eenvoudige en nobele gebaren, die geen afschuw of ontzetting teweeg bracht. Na de schokerende wereldpremière van 1905 in Dresden veroverde ‘Salome’ alle muziektheaters ter wereld en was de naam van Richard Strauss als operacomponist voor altijd gevestigd.
Lees verder >>>
Eleonora Bambie
Stavenuiter speelt demente moeder
Stem ook! Theaterliefhebbers geven deze voorstelling een:
Hoe ga je om met een dementerende moeder? En wat als je zelf dan nog maar een vijftienjarige puber bent? In de voorstelling ‘Eleonora’ van mimetheatergroep Bambie - momenteel in reprise - vertelt Jochem Stavenuiter het bijzondere verhaal van zijn moeder Eleonora, die een ernstige hersenbeschadiging opliep bij een hersenbloeding. Het resultaat is een geweldig knappe voorstelling, die ontroert zonder sentimenteel te worden.
De speelvloer staat vol met stoelen in alle soorten en maten. Stavenuiter maakt er groepjes van en schetst de verschillende locaties die ze voorstellen. De drie plaatsen van handeling zijn Jochems huis, het tehuis waar moeder Eleonora woont en een psychiatrisch ziekenhuis waar zij voor twee weken naartoe moet. Stavenuiter laveert tussen de drie groepen stoelen en neemt alle personages voor zijn rekening. Die sobere uitbeelding zorgt ervoor dat het aangrijpende verhaal geen emotionele kitsch wordt.
Lees verder >>>
Het toneel is een grote, zwarte, lege doos. Opeens gaat de buitendeur open en rent Orlando naar binnen. Hij/zij bootst het geluid van de wind na. Dan barst een kakafonie van geluiden los en stormen de andere acteurs binnen. Een fascinerend begin van de theaterbewerking van Virginia Woolf’s roman ‘Orlando’. Het boek is een meta-kunstwerk waarin allerlei reflecties over literatuur zijn ingebouwd. Op dezelfde manier is de toneelbewerking een meta-kunstwerk over toneel. Fascinerend en knap gedaan, maar wel behoorlijk cerebraal.
‘Orlando’ van Virginia Woolf is een als biografie vermomde fantasie over een Engelse edelman die eeuwenlang voortleeft en ondertussen van geslacht verandert. Orlando’s levensgeschiedenis wordt door de biograaf regelmatig onderbroken door allerlei bespiegelingen over het schrijven en de dichtkunst. Bij Woolf lijkt het verhaal vooral een voertuig voor haar overtuigingen. Ook in de theaterbewerking is de biograaf nadrukkelijk aanwezig. Hij wordt gespeeld door Kirsten Mulder, die tevens de rol van Sasja vertolkt, de Russische prinses waarop Orlando verliefd is. De biograaf grijpt regelmatig in in de gebeurtenissen, maar ook de andere acteurs verliezen zich regelmatig in allerlei vormen van metacommunicatie. Joep van der Geest en Bram van der Heijden vertolken diverse bijrollen, zoals die van secretaris van Orlando, dichter Nick Greene tegen wie Orlando erg opziet en Shelmerdine, haar latere echtgenote. Hun interventies zijn erudiet, literair, vaak erg geestig, maar ook bizar evenals de levensloop van Orlando, de centrale figuur waar alles om draait.
Lees verder >>>
De tuinen van de herinnering BEER muziektheaterproducties 9+
Alle ogen zijn op soloacteur René Groothof gericht als hij een ouderwets, rood koffertje opent. Met de inhoud, grote schoenen, een vergiet en een “dikke rode kokkerd van een neus”, vertelt hij het tragikomische levensverhaal van een vader/clown in de oorlog. Gekken bekken trekken zonder voorbij te gaan aan de serieuze boodschap van schrijver Michel Quint. Daar blinkt Groothof in uit in de jeugdvoorstelling ‘De tuinen van de herinnering’.
Quint schreef het boek voor volwassenen, maar BEER muziektheaterproducties bewijst dat het verhaal ook geschikt is als voorstelling voor negenplussers. Quints tekst is kort en leesbaar, het is niet verwonderlijk dat Groothof stukken letterlijk overneemt. “We reden in een Dyna Panhard, een lange kanariegele roestbak met een ronde voorkant en skaibekleding van imitatiezebra. Een echte clownswagen.”
Lees verder >>>
Het Tilburgse dansgezelschap T.r.a.s.h. levert tijdens de preview van het in 2010 nieuw te starten festival antARTica, wederom een boeiende voorstelling af. ‘Zofía’ is een echte T.r.a.s.h. voorstelling, waarbij de rauwe, explosieve dans samenvloeit met tekst, muziek en decor. Met ‘Zofía’ laat T.r.a.s.h. tevens zien gegroeid te zijn.
De titel van de voorstelling ‘Zofía’ verwijst naar de laatste van de vijf ijsheiligen, de ‘Koude Sofie’, maar ook naar Sofia, de hoofdstad van Bulgarije. De voorstelling speelt zich dan ook af in Oost-Europa in een grauwe, trieste buitenwijk van een stad. De karakters die de dansers van T.r.a.s.h. neerzetten in deze voorstelling zijn stuk voor stuk uitvergrote waanzinnige karakters die zowel dramatisch als komisch zijn. Tekst en ook zang heeft in deze voorstelling een nog grotere rol gekregen en de karakters hebben hierdoor meer body gekregen dan in eerdere voorstellingen van T.r.a.s.h. De dans is nog steeds rauw en explosief, maar er is ook steeds meer ruimte voor zachte kanten. En met name de klassieke muziek, met invloeden uit India, Afrika, Rusland en Bulgarije, voorziet de voorstelling van een mooi randje. Het zangtrio van bariton, alt en sopraan (João Paixão, Inbal Hever en Michal Bitan) zijn dan ook van groot belang ter ondersteuning van de zeven dansers die de ongelukkige kant van de samenleving laten zien.
Lees verder >>>
Zou de omgeving waarin Cathy, Patrick en Heathcliff opgroeien zijn weerslag hebben op hun karakters? Emily Brontë, de schrijfster van ‘Woeste Hoogten’, plaatst hen in een onherbergzaam gebied waar het altijd waait. In de enscenering van dit boek staan twee ventilatoren aan weerszijden van het toneel, zodat op woeste hoogtepunten ook het publiek de wind en pluizen om zich heen voelt waaien. Dit vraagt van de spelers een onuitputtelijke energie, die ze niet allemaal op kunnen brengen.
De natuur waarin een tragische liefdesgeschiedenis plaats vindt, is één van de belangrijkste elementen in de roman van Brontë. Het is dan ook niet verwonderlijk dat in de toneelbewerking veel aandacht wordt besteed aan de ruimte. Het geluidsdecor ontworpen door Florentijn Boddendijk en Remco de Jong, laat afwisselend vogels en huilende wind horen. De speelvloer bestaat uit houten plateaus van verschillende hoogtes. Het decor van Michiel Van Cauwelaert ontbeert schoonheid, maar is wel doeltreffend. Het meest van alles reflecteert echter de ongebreidelde energie van Alejandra Theus de onvoorspelbare natuur.
Theus speelt de bokkige Cathy, die alles en iedereen manipuleert met haar buien. Wanneer haar vader een vondeling mee naar huis neemt, herkent ze in hem een zielsverwant. Heathcliff nestelt zich diep in haar, maar ze trouwt met zijn tegenpool: een bedachtzame, verfijnde man. Ze hoopt hen allebei bij zich te houden. Heathcliff voelt zich verstoten en besluit wraak te nemen.
Lees verder >>>
Donizetti's ‘L'Elisir d'Amore’ is één van de hoogtepunten uit het komische operarepertoire. De Nederlandse Opera brengt deze opera als vierde productie van dit seizoen en net als de vorige drie is deze productie een al bestaande enscenering. De huidige bezetting kan niet tippen aan de zangers van de originele DNO uitvoering in 2001.
De Italiaanse componist Gaetano Donizetti (1797 – 1848) was een harde werker. Hij componeerde zo’n 70 opera’s en ‘L’Elisir d’Amore’ uit 1832 was één van zijn eerste, grote successen. Het verhaal gaat over de oprechte en naïeve Nemorino die verliefd is op de kokketterende Adina. Zij legt het echter aan met de sergeant Belcore om Nemorino jaloers te maken. Na vele grappige wendingen met behulp van een nep liefdesdrank is er uiteindelijk een happy end.
Lees verder >>>
Marcel Osterop schreef voor zijn Toneelgroep Cargo de tekst ‘Gemaakt om te vergeten’ over de vergankelijkheid van het bestaan. Vijf figuren worstelen met hun leven in de hoop iets te betekenen zoor zichzelf en hun omgeving. De voorstelling is een uitvergroting van het echte leven met hier en daar rake observaties en emoties. Ondanks de grappen en grollen laten de makers iets achter om nog lang stil van te zijn.
De grote afwezige in de voorstelling is een anorexiapatiënte, vriendin van Naut, Berine, Folkert en Hennie. Op haar verjaardag organiseert Naut een diner voor de vier vrienden, om hun zieke vriendin te herdenken. Dit uitgangspunt is op zich al ongelukkig genoeg. Maar tot overmaat van ramp begint Naut ook volledig aan zichzelf te twijfelen. Heike Wisse speelt deze vrouw die overal een probleem van maakt en bevestiging zoekt bij alles en iedereen. Tegenover haar staat Janneke Remmers die van haar Berine een onvermoeibare vrouw maakt die altijd voor iedereen klaar staat. Ze blijft alle andere personages met liefde en begrip benaderen, maar ondertussen vergeet ze zichzelf. De excentriekeling en geinponem Folkert vrolijkt de boel op met genante liedjes en absurde hoofddeksels. Hij trekt zich het minst aan van de anderen, maar is wel degene die de vinger op de zere plek legt. Justus van Dillen bewaart het evenwicht tussen flauwe teksten, gekleurde lampjes en echte emoties, waardoor zijn slotlied de voorstelling op een ander niveau tilt. Op het gevaar af dat deze theatertruc voorspelbaar is en de boodschap te niet doet, versterken zijn liedjes de voorstelling.
Lees verder >>>
Op het podium staat een engel, in de gedaante van Hans Sibbel. Dat moet dan wel een engel met een boze tong zijn, want de frustraties die in ‘Hoe laat begint het schieten?’ bovenkomen zijn niet van lucht. Sibbel, beter bekend als Lebbis, scheld op elk mogelijke ergernis in het dagelijks leven. Parodieën op gesprekken met inboedelverzekeraars of Kruidvatmedewerkers, ze blijven leuk. Maar waarom in de gedaante van een engel?
Lebbis is zes weken weg geweest. Tot rust gekomen is hij niet, want middenin zijn verhaal over Indianen die zes maanden niks doen dwaalt hij af. Naar een experiment in Barendrecht, waar men CO2 in de grond wil stoppen. “Komt er dan in plaats van Spa blauw Spa rood uit de grond?” Naar economen die de crisis niet zagen komen “dat zegt een loodgieter toch ook niet bij een lekkage?!”. Maar vooral naar vrouwenemancipatie.
De top van grote bedrijven moet binnen een paar jaar voor 40% uit vrouwen bestaan. “Je wilt toch niet de vrouw zijn waardoor het quotum wordt gehaald?” Lebbis weet al welke gevolgen dit voor de inhoud van de bedrijfskluis heeft: “vol met schoenen.” Zijn opwinding over het quotum werkt aanstekelijk. Helemaal als hij de zaak omdraait en voorspelt dat vrouwen over een x aantal jaar zullen strijden om weer huisvrouw te mogen worden “want dat is biologisch bepaald”.
Lees verder >>>
De leden van The 7 fingers zijn allesbehalve angstig. Afkomstig van de National Circus School, de school waar ook Cirque de Soleil haar leden vandaan haalt, uit het Canadese Montreal staan ze garant voor het betere gooi- en smijtwerk. Met elkaar wel te verstaan.
Met Traces brengt Les 7 doigts de main, zoals de groep zichzelf noemt, eindelijk een vervolg op ‘Loft’. Vier mannen en een vrouw stellen zichzelf aan het begin van de voorstelling voor. Na het noemen van hun naam lichten ze een tipje van de sluier van hun persoonlijkheid op: “I like to cover my eye with one hand…and then switch to the other”. Vanaf het eerste moment wordt de kijker meegezogen in een wervelende show van acrobatiek, muziek en allerlei stijlen dans.
Lees verder >>>
Veel kinderen groeien niet op in een stabiele omgeving. Als hun ouders verhuizen reizen ze automatisch mee. Ze komen in aanraking met nieuwe talen en culturen, en staan bekend om hun mateloze aanpassingvermogen. Dit zijn ‘Airport Kids’. Lola Arias en Stafan Kaegi plukten een aantal van deze jonge wereldburgers uit hun onnatuurlijke habitat en tonen ons een glimp van hun korte grenzenloze levens.
Negen kinderen tussen de 7 en 14 jaar veroveren het podium. Ze zijn uit alle windstreken afkomstig. Nu wonen ze in het Zwitserse Lausanne, maar ze hebben allemaal al in minstens twee andere landen gewoond. Er zijn kinderen van expats die een internationale school bezoeken, maar ook kinderen die zijn gevlucht of geadopteerd. Het feit dat ze in het kader van een internationale theatertour nu de Antwerpse Singel aandoen is op zich al een bewijs van hun grote flexibiliteit. Als zichzelf staan ze op de bühne, maar schikken zich toch in de kaderende regie van Kaegi en Arias. Het resultaat is een innemend spel tussen fictionalisering en werkelijkheid, tussen kinderlijke speelsheid en het raamwerk van de theatermakers.
Lees verder >>>
De reis om de wereld in 80 dagen Het Zuidelijk Toneel
Ach, die Jules Verne. De beste man werd in zijn eigen tijd amper begrepen, maar tegenwoordig is er niemand die zijn boek “De reis om de wereld in 80 dagen” niet kent. Deze bestseller uit 1872 is een ode aan het ‘reizen omdat het kan’ en staat bol van de verwijzingen naar voertuigen die toentertijd nog lang niet bestonden. Het Zuidelijk Toneel giet het samen met ’s lands bekendste cabaretiers in een nieuw jasje.
Het Zuidelijk Toneel (HZT) staat onder leiding van Matthijs Rümke. Rümke kenmerkt zich door een lange, verhalende stijl met veel bombastische uitspattingen en een sterke muzikale basis. Voor ‘De reis om de wereld in 80 dagen’ zocht hij opnieuw contact met de cabaratiers van NUHR (Joep van Deudekom, Viggo Waas, Peter Heerschop). Ook trok hij opnieuw Han Römer aan, die de tekst bewerkte. Nieuwkomer is eeuwige stuiterbal Bert Visscher.
Lees verder >>>
Het RO Theater brengt, onder leiding van regisseur Alize Zandwijk, een van de grootste Russische romans op het toneel, ‘De gebroeders Karamazov’. Het stuk is niet alleen een fascinerende uitwerking van de vraag naar de juiste levenshouding, of de grens tussen goed en kwaad, maar tegelijkertijd worden hierin de psychologische en maatschappelijke drijfveren van de hoofdpersonen uitgewerkt. Is het wel mogelijk zo’n complexe roman in een kleine drie uur op het toneel te zetten?
“Als je de natuur de deur uit zet, komt ze door het raam weer naar binnen”, spreekt Fjodor Karamazov triomfantelijk. De natuur van de mens is niet uit te bannen, vertelt het stuk ons.
De louche zakenman, gespeeld door Jack Wouterse, die deze rol als geen ander past, is de vader van vier zoons met wie hij een conflicterende relatie heeft. Wanneer hij wordt vermoord, rijst de vraag wie van zijn zoons dit op zijn kerfstok heeft. De verdenking komt al snel te liggen bij Dimitri, Rogier Philipoom, die voortdurend met zijn vader streed om geld en vrouwen. Maar ook de vierde zoon, een verstoten bastaard, op humoristische wijze vertolkt door Lukas Smolders, die in het huis dienst doet als keukenhulp, heeft zo zijn redenen voor een moord. De jongste zoon Aljosja, net ingetrede tot de kloosterorde, vormt het vrome tegenbeeld van de familie. Als naïeve Godsdienaar laat hij zich voortdurend voor het karretje spannen als zinloze bemiddelaar. Zijn rol wordt opmerkelijk genoeg vertolkt door een vrouwelijke speelster, Fania Sorel, die zijn vrome en zachte karaktertrekken met verve weet neer te zetten. Dostojevski brengt zijn publiek in verwarring. Is zoon die terechtgesteld wordt voor de vadermoord werkelijk de dader? En staat zijn opgelegde straf wel in verhouding met de onprettige persoonlijkheid van de vader?
Lees verder >>>
Naïef ziet ze eruit. Gelet op de bedrukte sokken in balletschoentjes zelfs kinderlijk onschuldig. Ook fysieke kenmerken: ronde blauwe ogen, blonde pony en een meisjesachtige manier van praten doen geen afbreuk aan dit beeld. Maar al snel brengt theatermaakster Laura van Dolron in herinnering dat hier een volwassen vrouw staat, met een serieuze boodschap. ‘Iemand moet het doen’ gaat niet over zomaar een gebeurtenis of een willekeurig persoon, maar over de hele wereld. Een onderwerp dat eigenlijk niet één voorstelling past, maar Van Dolron heeft zo haar trucjes om dat probleem te omzeilen en het publiek om haar vingers te winden.
Laura van Dolron bezocht vier uithoeken, een stilteoord in Thailand, een Palestijn in Jeruzalem, een kluizenaar op een Spaans eiland en een cursus in Groningen, gaat zitten en vertelt. Over de bloem die ze plukte voor het mooiste meisje in het stilteoord. Over de Palestijn die liever over Pink Floyd sprak dan over checkpoints. Over de oversekste kluizenaar, waarmee ze rode paprika’s uit de vuilnisbak viste. Over de cursus ‘hoe zet je woede om in liefde’ en hoe die leidde tot “een politieke aanslag in mijn hoofd”. En, eerlijk is eerlijk, in ‘Iemand moet het doen’ vertelt Van Dolron vooral veel over zichzelf.
Naast vertellen stelt ze ook een heleboel vragen. Aan zichzelf, aan toeschouwers en aan de maatschappij. “Hoeveel dingen die we kopen zijn substituten voor een knuffel?” De vragen lijken ter plekke bij haar op te komen en die ogenschijnlijke impulsiviteit geeft toeschouwers het gevoel heel dicht bij Van Dolrons belevingswereld betrokken te zijn.
Lees verder >>>
Dansclick organiseert jaarlijks twee tournees waarin aanstormende choreografietalenten de kans krijgen zich te presenteren aan het publiek. Iedere avond wordt voorafgegaan door een ‘warming-up’ en afgesloten met een ‘après dans’, waarbij het publiek de makers en dansers kan ontmoeten op het podium, onder het genot van een drankje. Dansclick 7 presenteert choreografe Hildegard Draaijer en Muhanad Rasheed.
De twee voorstellingen die voor Dansclick 7 geselecteerd zijn, hebben beiden, op hun eigen manier, te maken met afscheid nemen van het verleden. Na de warming-up, een videoportret van de choreografen van vanavond, begint dansclick 7 met de voorstelling ‘Hotel het Verloren Kind’ van Hildegard Draaijer en Sassan Saghar Yaghmai.
‘Hotel het verloren kind’
Hildegard Draaijer is artistiek leider van Theatergroep DOX en Sassan Saghar Yaghmai is als choreograaf verbonden aan Dox. In ‘Hotel het Verloren Kind’ gaat een jongeman, gespeeld door Ryan Djojokarso terug naar zijn kindertijd, terug naar zijn moeder. De moeder wordt gespeeld door Shula Felomina en een derde personage, een tweede kind, wordt gespeeld door Naomi Mac-Donald.
‘Hotel het Verloren Kind’ is oorspronkelijk gemaakt als locatievoorstelling. Speciaal voor Dansclick heeft Draaijer de voorstelling aangepast en met name het decor verandert, zodat het ook in het theater zijn waarde zou behouden. De oorspronkelijke locatie, een leegstaand herenhuis, is zoveel mogelijk nagebootst op het podium. Een aantal objecten staan ingepakt met doek en touw op het podium. Aan de achterzijde hangt een plastic doorschijnend gordijn, met daarachter een projectie op de kale muur. Het geeft inderdaad de indruk van een leegstaand pand, maar wellicht is de beleving in het theater minder sterk dan op de originele locatie. Het samenspel van aantrekken en afstoten tussen Djojokarso, een uitstekend danser, en Felomina is intrigerend. Mac-Donald ondersteunt de twee. Met name de scène waarin zij op het doorzichtige gordijn met verf een tekst klad, is veelzeggend.
Lees verder >>>
Na vier jaar van stilte pakt theatergezelschap Het Groote Hoofd de draad weer op met een markante locatievoorstelling over een eenzame boerendochter en haar vader. Margje Wittermans speelt een jonge vrouw die ver van de bewoonde wereld samenleeft met haar zwijgzame vader, gespeeld door haar eigen vader Joop Wittermans. Het woelt en bruist van binnen bij de dochter, maar ze kan het nergens kwijt, met een noodlottige afloop tot gevolg.
Herman van de Wijdeven baseerde zijn nieuwe stuk ‘In het hart’ op de roman ‘In het hart van het land’ van de Zuid-Afrikaanse schrijver J.M. Coetzee. Het verhaal speelt zich af in het hete en droge binnenland van Afrika. Regelmatig wordt geklaagd over hitte, wat een beetje schizofreen aandoet, in de ijskoude varkensboerderij onder de rook van Den Bosch waar de voorstelling plaatsvindt. Maar verder niets dan lof over de locatie. De boerderij staat op het punt te worden gesloopt, waarna het land zal worden verzwolgen door een grote waterplas. Een passender decor dan deze vervallen varkensstal is niet denkbaar voor een verhaal, waarbij een vader en een dochter eenzaam achtergebleven zijn op een verlaten platteland. De geur van balkenbrij en bloedworst hangt zwaar in de ruimte, waarin de dochter droomt van de zee.
Lees verder >>>
“Krijg nou Titus!” is de nieuwste jongerentheatervoorstelling van Theatergroep Siberia. Als een flitsende actiefilm spelen vijf acteurs het meest gewelddadige stuk van Shakespeare: Titus Andronicus. De spelers zetten alles op alles om Titus zover te krijgen dat ook hij wraak neemt. Er moeten eerst heel wat ledematen en liters bloed over het toneel spatten om dat voor elkaar te krijgen. De puberhormonen gieren door de zaal bij deze geslaagde voorstelling.
Wie dacht dat Shakespeare saai is en jongerentheater moralistisch, heeft het danig mis. Theatergoep Siberia, het nieuwe jeugdtheatergezelschap in Rotterdam bewijst dat Shakespeare en jongeren prima ingrediënten zijn voor een bruisende voorstelling over wraak. Zodra Koen Wouterse begint met de openingsrede uit Titus Andronicus wordt hij door zijn medespelers onmiddellijk onderbroken. Zo gaan ze het niet doen. Er moet gevochten worden, er moet bloed vloeien en hij, Titus, moet wraak nemen. Dat dat niet in zijn karakter zit doet er niet toe. Ze krijgen hem wel klein.
Lees verder >>>
Bang! Toneelmakerij
Maatschappelijk relevant griezelen bij het slot van Bang!
De Toneelmakerij - een fusie van Huis aan de Amstel en Wederzijds - werkte voor Bang! samen met een groep schrijvers, vormgevers, regisseurs en acteurs in opleiding aan de Hogeschool voor de Kunsten in Utrecht. Bij dit project werden de studenten begeleid door kopstukken als Roel Adam, Liesbeth Coltof en Ad de Bont. Het resultaat is een stijlvolle mix van verhalen over angst. De meeste zijn nogal vrijblijvend, maar het slotstuk weet een reeële angst aan te wakkeren.
Een alarm gaat af en geblinddoekt wordt het publiek in groepjes ingedeeld. Elke groep krijgt iets anders te zien, op verschillende locaties in het Amsterdamse Rozentheater. Later op de avond komt iedereen weer bij elkaar en kijkt het publiek gezamenlijk naar voorstellingen in de foyer, de kleine en de grote zaal. De studenten van de HKU belichten verschillende facetten van angst: bang zijn voor vergankelijkheid, voor consequenties, de vrees om iemand te verliezen of zelfs om geen angsten te hebben. De verschillende onderdelen van Bang! zijn te kenmerken als stijlvol, confronterend, vrijblijvend of verdiepend, maar echt angstaanjagend zijn ze niet.
Lees verder >>>
Het gaat over “de mens onder de Duitse helm,” of zo prijkt op de affiche van ‘Slachtlam’ de eerste nieuwe BAFF productie van het seizoen. De bewerking van het waargebeurde levensverhaal van Jan Montyn, een Nederlander die tijdens de tweede wereldoorlog vocht aan Duitse zijde, is niet alleen een portret van een individu maar ook een schets van de oorlogvoerende mens.
Het verhaal van Jan Montyn is beklijvend; een jongen die uit de sleur van het gereformeerde milieu in Oudewater wil ontsnappen en zich daarom na een aantal spannende Wehrsport kampen vrijwillig laat inlijven bij de Duitse marine. Zijn motieven zijn niet onherkenbaar en zijn onwetendheid achteraf onmiskenbaar schrijnend. Maar de Montyn die acteur Yorick Zwart en regisseur Ludo Hoogmartens laten zien is niet iemand die ons even komt vertellen over vroeger, gewapend met een lange dramatische monoloog. Het is weer eens wat anders. Ontspannen gekleed in zijn joggingbroek vertelt Zwart als Montyn zijn geschiedenis alsof het publiek aan zijn keukentafel zit. Montyn is een stoere vent die niet zomaar in huilen uit zou barsten. Hij haalt herinneringen op, vertelt anekdotes, bakt een pannenkoek.
Lees verder >>>
Na het biertoerisme in Odessa onderwerpt acteursgroep Wunderbaum het Nederlandse provincialisme aan een onderzoek. Na zes weken ondergedompeld te zijn in Venlo, de Noord-Limburgse stad die momenteel met name bekend staat als de moederstad van Geert Wilders, heeft Wunderbaum een volksstuk gemaakt in samenwerking met lokale amateurs. Nu is deze voorstelling op tournee en doet als eerste Rotterdam aan, de thuisbasis van Wunderbaum.
Marleen Scholten, Walter Bart, Matijs Jansen en Maartje Remmers kruipen in de huid van een cultuurwethouder met idealen, een politiechef met dadendrang, een lokale investeerder met een verborgen agenda en een gedesillusioneerde lerares. Deze personages verzamelen zich samen met hun echtgenoten en de toeschouwers in een feestzaal voor de onthulling van een kunstwerk. De gebruikelijke knulligheid waarmee dat gepaard gaat uit zich in dit geval in goedbedoelde toespraken en falende techniek.
Lees verder >>>
De Amerikaanse toneelschrijver David Mamet schrijft ‘Glengarry Glen Ross’ na de economische crisis van 1980-1982. Regisseur Erik de Vroedt maakt er een actuele bewerking van. Het toneelstuk speelt op een makelaarskantoor waar bezuinigd wordt. Een verkoopwedstrijd tussen de medewerkers bepaalt wie mag blijven en wie weg moet. Het is de avond voor de dag dat de beslissing valt. De zaken staan op scherp. De volgende dag lopen de emoties nog hoger op.
De vier verkopers van de makelaardij verkopen percelen van een domein dat Glengarry Glen Ross heet. Hun chef Willems geeft hen leads, contactadressen van potentiële klanten. Een goede lead is goud waard. Ze werken op provisiebasis en de lead bepaalt hun kans op een geslaagde transactie. De mannen staan onder druk door de nieuwe politiek van het hoofdkantoor. Ze moeten zichzelf bewijzen. Voor de beste verkoper valt er een Mercedes te winnen, de een na beste krijgt een troostprijs, maar mag blijven. De overige twee worden ontslagen.
Lees verder >>>
Heren van de Thee Hummelinck Stuurman Theaterbureau
‘Heren van de Thee’ is het laatste deel van een vijfdelige toneelreeks over het Indische verleden van Nederland. Ger Thijs bewerkte de succesvolle roman van Hella Haasse uit 1992 tot een krachtig stuk met als centrale figuur de door zijn ambitie verblinde planter Rudolf Kerkhoven, een overtuigende rol van Cees Geel. In levensechte dialogen ontrolt zich het familiedrama, waarbij de personen elkaar ondanks alle goede bedoelingen geleidelijk verstikken.
Aan het eind van zijn leven keert de succesvolle planter Rudolf Kerkhoven nog eenmaal terug naar de theeplantage in Gamboeng, waar hij is begonnen. Hij hurkt neer bij het graf van zijn vrouw Jenny en blikt terug op zijn leven. Met deze scène begint en eindigt ‘De Heren van de Thee’, een mooie vondst die de cirkel van het verhaal goed duidelijk maakt. Alles heeft hij opgeofferd om rijk te worden en erkenning te krijgen; nu dat is gelukt moet hij erkennen dat hij onderweg behoorlijk wat is kwijtgeraakt. Zijn vrouw, zijn familie, een zoon ….
Lees verder >>>
Blanco EAST74
Bittere moeder en krengige dochter wekken weinig sympathie
Het thema is interessant. Moeder en dochter komen terug naar hun geboorte-eiland om na 12 jaar scheiding vader weer te ontmoeten. Wie zijn ze? Wat is er gebeurd? Wat heeft het met hen gedaan? Dat gegeven alleen al zou genoeg kunnen zijn. Maar EAST74 maakt mixed media-voorstellingen. Dus wordt er een schietincident verzonnen, waarvan de beelden via de hotel- tv zichtbaar zijn. Er wordt gesproken over een dreigende situatie, maar helaas wordt die dreiging nergens echt voelbaar. Wat wel voelbaar wordt, is een tenenkrommende moeder-dochterrelatie, waarvoor de Blancoman helaas weinig kan betekenen.
‘Blanco’ speelt zich af in een hotelkamer op een eiland. Het publiek wordt toegesproken door Blanco, de receptionist, die fungeert als verteller en katalysator. Blanco haalt de buitenwereld naar binnen en moedigt zowel de moeder als de dochter aan hun verhaal te doen, waarbij hij in de huid kruipt van het personage waarover ze vertellen. Een mooi voorbeeld daarvan is de scène waarbij Blanco aan de moeder vraagt of haar man, meneer Fujara, wel eens lachte. De moeder doet verslag van een grappige gebeurtenis en gaat daar helemaal in op. Ze staat weer naast meneer Fujara en lacht. Het is het enige blije moment in de gehele voorstelling. Voor de rest speelt Ellen Röhrman een bittere moeder. Vroeger maakte ze lijstjes van wat ze nog moest doen, of waar ze naartoe was geweest. Nu maakt ze een lijst van alles wat ze niet heeft gekregen. En die is heel lang.
Lees verder >>>
In `Zus van’ speelt Elsie de Brauw, de zus van de vastberaden en heldhaftige Antigone. Haar zus Ismene is haar tegenbeeld, nooit zeker van haar zaak, aarzelend en voorzichtig. Ismene heeft geen aanleg voor heldendom. Na drieduizend jaar in de duisternis van de onderwereld te zijn opgesloten, komt ze opnieuw tot leven. En daar begint het stuk. Toneelschrijfster Lot Vekemans won er in 2005 de driejaarlijkse Van der Vies Prijs mee.
Als het publiek binnenkomt, is de voorstelling al begonnen. De protagonist staat verbaasd en ontdaan over haar plotselinge opstanding op de fel verlichte toneelvloer. Schichtig reageert ze op het binnenkomend publiek. Als de rust neerdaalt in de zaal dooft het licht niet, het publiek en de actrice worden even fel verlicht. Gaandeweg wordt duidelijk waarom dat zo is.
Als Ismene haar taal en woorden hervonden heeft, begint ze hardop te denken. Ze speculeert over zichzelf en het lot van anderen in de onderwereld, over het lot van haar familie. Ze vraagt zich af of die bij elkaar mochten zijn terwijl zij al die drieduizend jaar alleen in de onderwereld door moest brengen. Ze onderbreekt haar monoloog regelmatig met retorische vragen. Ze illustreren de onzekerheid van Ismene over zichzelf als mislukte telg van een beroemde familie en ze betrekken de toeschouwer telkens opnieuw bij de voorstelling. Door de retoriek van de tekst en het spel van De Brauw lijkt het publiek een volwaardige medespeler te worden. De monoloog wordt een dialoog voor een sprekende acteur en een zwijgende veelkoppige partner. Dat dit werkt komt ook door de minimalistische mise-en-scène, waarin de actrice geen seconde van haar plek komt en even onbewegelijk als het publiek aan haar plaats gekluisterd is. Al die elementen samen rechtvaardigen het dat de toeschouwer en de actrice evenveel licht krijgen. En het werkt.
Lees verder >>>
Voor de tweede maal dit jaar is de jonge choreografe Milla Virtanen uitgenodigd om één van haar voorstellingen te tonen tijdens de maandelijkse l’Avventura avonden in Tilburg. Ditmaal in het kader van Dansweek Tilburg. Met ’99 Lashes and Six Months in a Can’ weet Virtanen een spannende en sfeervolle voorstelling neer te zetten.
Tijdens de maandelijkse l’Avventura avonden in Tilburg is het publiek verzekerd van een divers cultureel programma, met twee theater- of dansvoorstellingen in Theater De NWE Vorst, een muziekoptreden in Muziekpodium Paradox en een kunstbijdrage in Ruimte X. Van de twee theater- of dansvoorstellingen is er altijd één van een maker die zich al heeft bewezen en de ander is van een nog relatief onbekende maker. Omdat het deze week Dansweek Tilburg is, staat de l’Avventura avond van oktober geheel in het teken van dans met als verrassende nieuwe maker de choreografe Milla Virtanen. Eerder dit jaar was zij ook te zien tijdens een l’Avventura avond met de voorstelling ‘Taboo Boo and The Forbidden Lemon Fruits’, een dansvoorstelling over relaties en seksualiteit. Dit maal zet Virtanen met de voorstelling ’99 Lashes and Six Months in a Can’ een spannende en sfeervolle dansvoorstelling neer te zetten. Want sfeer neerzetten, dat is waar Virtanen goed in is.
Lees verder >>>
Hoofdgast tijdens de Dansweek Tilburg is choreograaf Dylan Newcomb. Hij is aanwezig als choreograaf, danser en coach en is te zien met de voorstellingen ‘Burn’, ‘This’ en ‘Waterdans 256’. In de solovoorstelling ‘Burn’ is Newcomb zowel uitvoerend danser als choreograaf als componist. Een boeiende en broeierige voorstelling over één van de vier elementen.
Newcomb, geboren in Boston, studeerde zowel dans- als muziekcompositie in New York en in de periode 1992 - 1999 danste hij bij het Nederlands Dans Theater. De laatste 10 jaar is hij verbonden aan Korzo Producties als choreograaf. In 2004 startte Newcomb met het vierluik: ‘Writing on the Walls’ waarbij hij onderzoek doet naar de vier elementen. De vier voorstellingen die hieruit voort zijn gekomen zijn: ‘Wish’ (Lucht, 2004), ‘Flow’ (Water, 2004), ‘Burn’ (Vuur, 2006) en ‘This’ (Aarde, 2008).
Lees verder >>>
Het was zover, na eerder in de week te zijn afgelast wegens ziekte, stond donderdagavond Maatschappij Discordia eindelijk op de planken met hun nieuwe productie ‘1/verwikkelingen’. Een experimentele voorstelling die lijkt te reflecteren op de aard van betekenisgeving en realiteit. Tenminste, dat mag je hopen want wat dit stuk wel duidelijk weet te maken is hoe versteld je kunt staan van je eigen verveling.
De zaaldeur sluit en de acteurs beginnen tegen elkaar aan te mompelen terwijl Hey Joe door de luidsprekers schalt. Er worden handelingen verricht vanuit het niets. Maatschappij Discordia lijkt moeite te doen de toeschouwer geen enkel aanknopingspunt te geven, los van de tientallen touwtjes die aan het plafond hangen. In het persbericht worden citaten gegeven uit Hamlet en een gedicht van Mayakovski als contekst voor hun improvisaties. Het is aan het publiek de talloze losse handelingen eenduidigheid toe te kennen. Maar na twee uur verwarring, wie kan het nog wat schelen? Het is simpelweg de veelvuldigheid van halfslachtige gedachten en schijnbaar willekeurige handelingen die het tot een onmogelijke taak maken.
Lees verder >>>
De voorstelling ‘Nude’ is een coproductie van Panama Pictures en Danshuis Station Zuid en is afgelopen week in première gegaan tijdens Dansweek Tilburg. Choreografe Pia Meuthen heeft met deze voorstelling disciplines als dans, spel, tekst, (live) muziek en decor feilloos met elkaar verbonden, waardoor het verhaal van de voorstelling duidelijk naar voren komt.
Choreografe Pia Meuthen is sinds 2002 artistiek leider van Panama Pictures en voor de periode van 2009 tot en met 2012 verbonden als gastchoreografe aan Danshuis Station Zuid in Tilburg.
Meuthen volgde haar dansopleiding aan de Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten en de Fontys Dansacademie in Tilburg. Als inspiratie voor haar werk gebruikt Meuthen literatuur en film als bronnen. Voor de voorstelling ‘Nude’ heeft Pia Meuthen zich laten inspireren door het boek ‘Tussen een persoon’ van Esther Gerritsen. Hierin besluit een vrouw haar geliefde op te sluiten op zolder op de dag van hun verhuizing. Hij is klaar om verder te gaan met hun leven, zij niet. Ze weigert mee te gaan in het verhaal van haar partner en zet de tijd stil.
Lees verder >>>
Soms zie je een voorstelling die bijna perfect is. Zo'n voorstelling is 'Dido and Aeneas' van Purcell door De Nederlandse Opera. En ook dat kan gelukkig weer eens gezegd worden.
'Dido and Aeneas' is de enige opera van Henry Purcell (1659 - 1695) en ging in première in 1689 op een meisjeskostschool in Chelsea. De Nederlandse Opera brengt een productie uit Wenen van 2006, die ook al eerder in Parijs ging. Regisseur is Deborah Warner (Oxford, 1959), die lange tijd als de vrouwelijke topregisseur van Engeland gold. Haar ensceneringen zijn vaak braaf en zonder interpretatie, soms theatraal vlak en met veel overdreven-aandoenlijke bewegingen. En juist deze aanpak pakt in haar 'Dido and Aeneas' goed uit. In de proloog begint het niet erg sterk De Ierse actrice Fiona Shaw - vriendin van Deborah Warner - draagt hierin het gedicht "Echo and Narcissus" uit 'Tales from Ovid' van Ted Hughes voor, vooruitlopend op het echokoor en de echodans van de tweede akte. Het is een copy / paste uit haar solovoordracht 'Readings' van het Holland Festival 2007, toen Shaw in de Amsterdamse Stadsschouwburg ook dit tekstfragment declameerde en net als nu in spijkerbroek "butch" over het toneel denderde. Het is niet echt passend in de opera en Shaw is dan ook slechts bij de eerste twee van de acht uitverkochte voorstellingen aanwezig.
Lees verder >>>
In 2007 stond ze in de finale van het Leids Cabaret Festival, maar echt bekend werd ze door haar column ‘Taal voor de mensen’ en haar boek ‘Taal is zeg maar echt mijn ding’. Nadat ze deel uitmaakte van cabaretduo Rots en als standupper werkte bij Comedytrain, tourt Paulien Cornelisse nu met (alweer de reprise van) haar eerste avondvullende voorstelling ‘Dagbraken’: een associatief programma waarin de taalgrappen een theatrale dimensie krijgen.
Soms vindt ze zichzelf erg zielig. Bijvoorbeeld wanneer haar telefoon zoek is, omdat er toch niemand belt. Wanneer ze haar eigen telefoon belt om erachter te komen waar hij is, is er even die gedachte ‘Ha, ik word gebeld!’ De drang om op te nemen wordt direct gevolgd door het besef dat ze zelf de beller is. Met dit soort zelfspot doet Paulien Cornelisse denken aan een jonge Brigitte Kaandorp. Als ze dan ook nog haar viool als gitaar gebruikt, doemt helemaal het beeld van Kaandorp met haar ukelele op.
Dankzij de columns in onder andere NRC.Next en natuurlijk haar veelverkochte boekje, zijn komische observaties over taalgebruik Pauliens handelsmerk. Ook in haar eerste avondvullende cabaretvoorstelling komen veelvuldig taalanekdotes voorbij. Een deel daarvan is ook letterlijk in haar boekje terug te vinden. Wat voegt het toe om dit op een podium te vertellen? Het publiek kan meteen zien (en horen) hoe iemand ‘ja’ zegt terwijl hij inademt, of wie er precies worden bedoeld met ‘bepaalde mensen’. En hoe stom het is als je die aanhalingstekens met je vingers plaatst. Ook is Cornelisse een ster in het imiteren van bijvoorbeeld corpsmeisjes, die er natuurlijk een heel eigen taalgebruik op na houden. De terloopse humor uit de columns zet zich voort op het toneel. Maar weet Cornelisse de frisheid uit haar columns ook in te zetten voor vernieuwend theater?
Lees verder >>>
“Ik kijk om me heen en ik zie die Londense meisjes gillen.” Zelf gilt actrice Roosmarijn Luyten, die in ‘HELP’ megafan Nancy speelt, ook wat af. In het begin is Luytens gegil moeilijk te plaatsen, lang niet elke achtplusser in de zaal snapt dat ze een hysterische fan uitbeeldt. Ook de bandleden worden met argusogen bekeken: wie zijn deze macho’s en waarom schreeuwen ze zo over een snoertje? De stemming komt er in als de band zijn eerste song inzet: ‘Twist and Shout’. Het publiek ontpopt zich, in de nieuwe hitvoorstelling van theatergroep Max., tot ware Beatlesfans.
Max. heeft het getroffen met de muzikanten die, net als ‘The Beatles’, goed op elkaar zijn ingespeeld. Kaspar Schellingerhout, Viktor Griffioen en Erik van der Horst spelen al sinds 2007 samen in ‘The Sadists’, één van ‘De Nieuwkomers’ van muziektheatergezelschap Orkater. Aan Schellingerhout de eer om in ‘HELP’ John te spelen, de eigenzinnige, soms zelfs onhandelbare, schrijver/zanger/gitarist van de band. Halverwege de voorstelling komt de moeder van John om bij een verkeersongeval. Vanaf dat moment verliest hij zich in drank en drugs, verslavingen die hem kwellen met visioenen van zijn overleden moeder.
Lees verder >>>
Ibsen 3 De Tijd
Onderkoelde weergave van de gevangenis die huwelijk heet
De structuur van Ibsen 3 is een vondst. Drie acteurs spelen het eerste bedrijf van drie verschillende toneelstukken van Henrik Ibsen plus de laatste drie minuten van elk stuk. De drie vrouwen uit ‘Een poppenhuis’, ‘De vrouw van de zee’, en ‘Hedda Gabler’ zijn elk gevangen in een liefdeloos huwelijk en gaan gebukt onder de last van een geheim.
Het is boeiend te zien hoe zeer Ibsen’s stukken overeenkomen in thematiek, opzet en ontwikkeling. Regisseur Lucas Vandervost die zelf meespeelt, heeft gekozen voor een uitermate ingehouden, onderkoelde acteerstijl waardoor Ibsen’s realisme behoorlijk wordt geabstraheerd. Echt aangrijpend wordt het drama daardoor niet.
De overeenkomsten tussen de drie toneelstukken zijn zeer opvallend. Een jonge, ogenschijnlijk gelukkige vrouw wordt bezocht door een oude kennis van vroeger. In de gesprekken die volgen worden geleidelijk aan de contouren van een groot geheim duidelijk. Het geluk blijkt op een zeer smalle basis te berusten. “Ik ben zo gelukkig”, roept Nora uit ‘Een poppenhuis’ herhaaldelijk uit. In werkelijkheid hangt haar geluk aan een zijden draadje. Haar man weet niet wie zij werkelijk is, ze speelt een rol en is doodsbang door de mand te vallen. Ook Ellida uit ‘De vrouw van de zee’ heeft het een en ander te verbergen en bevindt zich als tweede vrouw van .. in een lastige situatie. Zij stort haar hart uit bij een ooit afgewezen minnaar die weer is opgedoken. Hedda Gabler tenslotte is de meest complexe van de drie. In haar geval is alleen het eerste bedrijf niet voldoende om de nuances van haar karakter ten volle neer te zetten. Dit deel is dan ook het minst geslaagd van het drieluik. De toeschouwer moet het hier hebben van eerder geziene uitvoeringen om de essentie van wat er speelt te kunnen begrijpen.
Lees verder >>>
Nederlandse componisten zijn niet bepaald befaamd als het gaat om het componeren van opera’s. Vaak worden ze aangespoord door een bepaald idee, concept of gevoel in plaats van door een boeiend verhaal. De premières worden aangekondigd met veel tamtam, de productie loopt een aantal keren en wordt – voordat het een stille dood sterft – wellicht nog een tweede keer opgevoerd.
Zo’n herneming is de revisie van ‘After Life’ uit 2006 van de Nederlandse componist Michel van der Aa (1970) bij De Nederlandse Opera. De opera is gemodelleerd naar de gelijknamige film van de Japanner Hirokazu Kore-Eda. Van der Aa schreef het libretto zelf en het idee c.q. concept c.q. gevoel is hier “herinnering”. Het gegeven doet denken aan de opera ‘The Refuge’ van de componist Christopher Theofanidis, één van de meest ambitieuze, grootschalige en pakkende opera’s van de afgelopen jaren, waarin immigranten hun herinneringen vertellen. ‘After Life’ beschrijft zeven dagen in een week op een tussenstation tussen leven en dood met terugblikken naar het verleden en nieuwe ontwikkelingen in het heden. De herinneringen die op video getoond worden zijn intiem, persoonlijk, krachtig en aangrijpend, maar het probleem met ‘After Life’ was dat aan de verhalen geen expressie wordt geboden door de muziek.
Lees verder >>>
Een sympathieke jongeman, Pavlos Kountouriotis, geeft een lezing over manipulatie van oorlogsfoto’s in de media. Een interessante, amusante, maar enigszins bizarre lezing die uitmondt in een onverwacht aanstootgevend slot.
De Britse Pavlos Kountouriotis is een performer, choreograaf en een performing theoreticus. Naast het maken van choreografieën en performances, schrijft hij veel over dans, geweld en pornografie en werkt hij als lector onder andere aan de universiteit van Chester. Kountouriotis is gefascineerd door geweld en het feit dat de mensheid gefascineerd is door geweld intrigeert hem.
De voorstelling ‘Regarding the Pain of Others’ is een ‘performance lecture’, gegeven door Kountouriotis zelf. De lezing is gebaseerd op het gelijknamige boek van Susan Sontag uit 2003 over de manipulatie van oorlogsfoto’s in de media. Tijdens de voorstelling neemt Kountouriotis vooral het vak van performing lectors op de hak. De hele voorstelling bestaat uit verwijzingen naar bekende lectors: het filmen van zijn optreden en vertraagd afspelen op een scherm op het podium, het naakt performen, het op de grond gooien van de foto’s en het beginnen met een scène uit een fictieve eerdere voorstelling van Kountouriotis. Gedurende zijn optreden vertelt hij het document van de oorlogsfoto’s en tegelijkertijd maakt hij een nieuw document op het podium. Zo laat hij een laserpen ronddraaien op een kookwekker en pint hij, bij iedere foto die hij laat zien, een labeltje op de wand waar de laser op dat moment is.
Lees verder >>>
Carne Micheline Torres
‘Carne’: beklemmende voorstelling over manipulatie van vlees
Dicht op het speelvlak staan de stoelen waar het publiek plaats moet nemen, vlak voor de tafel waar de Braziliaanse choreografe Micheline Torres haar performance uit zal voeren. Gedurende de voorstelling blijft de zaal fel verlicht. Het publiek krijgt niet de kans om iets van Torres optreden te missen en Torres krijgt alle gelegenheid om het publiek te bekijken. Dit dicht op het publiek spelen van Torres, bepaald mede dat ‘Carne´ een indringende en beklemmende ervaring is voor het publiek.
De voorstelling ‘Carne’ van Micheline Torres wordt op het Tilburgse Incubate festival gepresenteerd als onderdeel van het Nitsch-programma. Kunstenaar Hermann Nitsch, die bekend staat om zijn bloederige performances, is dit jaar hoofdgast op het festival. De omstreden Oostenrijkse kunstenaar zorgde in de jaren zestig voor opschudding met zijn performances waarbij hij dode dieren opensneed en naakte mensen besmeurde met bloed en ingewanden. Anno 2009 doet hij dat nog steeds en wederom waren er enkele protesten tegen zijn werk. De voorstelling van Torres gaat ook over vlees. Vlees uit de supermarkt, maar ook het vlees van haar eigen lichaam. Gelukkig komt er bij Torres geen bloed aan te pas. Hoewel ‘Carne’ af en toe behoorlijk confronterend is, blijft het binnen de grenzen.
Lees verder >>>
Afgelopen weekend ging de voorstelling ‘You are here’ van het Belgisch-Noorse gezelschap deepblue in Nederlandse première. In de Krijn Boon Studio van de Rotterdamse Schouwburg toont het gezelschap een performance waarin de acteurs, ondanks hun voortdurende aanwezigheid, het afleggen tegen de ruimte. ‘You are here’ toont vele mogelijke ruimtes en biedt de toeschouwer de mogelijkheid zijn eigen voorstelling te maken. Vriendelijk glimlachend helpen de acteurs daar hooguit een beetje bij.
Bij binnenkomst hangt een rood draadje dat de toeschouwers scheidt van het speelvlak en opmerkelijk genoeg ook van de tribune. De twee acteurs, Heine Avdal en Mette Edvardsen, wikkelen de blauwe stoelen om met hetzelfde rode draad. Op het speelvlak liggen witte A4’tjes in een rasterpatroon. Eén voor één worden de papiertjes weggehaald door de acteurs, zodat een looppad ontstaat. Zodra er meerdere mogelijkheden zijn om te lopen, breekt Avdal de rode draad doormidden en worden de toeschouwers uitgenodigd via de looppaden naar de tribune te lopen.
Lees verder >>>
WeUsAll opent als een circusvoorstelling. Er zijn vijf circusartiesten die vanaf het moment dat de deur opengaat meeslepend en met slapstick doorspekt spektakel leveren. Maar de nieuwe productie van Sarah Vanhee is geen circusvoorstelling noch Joop van den Ende diner theater. Zoals al haar voorstellingen is het een poging de mens te onderzoeken en deze keer als ‘een singulier wezen binnen een gemeenschap.’
Zo snel als de trucjes elkaar opvolgen, zo snel komt er een einde aan. De artiesten clusteren samen en al zwaaiend en giebelend verlaten ze de zaal. Wat ze achterlaten is een donkere stilte. De spanning neemt toe totdat er plotseling woorden verschijnen op een groot donker scherm. Er ontrafelt zich wat lijkt op een betoog dat gehouden wordt in de ‘we’ vorm, een populaire vorm onder politici en stemmingmakers, maar eigenlijk in iedere vorm van groepsidentificatie. De artiesten zijn weg en op het scherm, dat een muur genoemd wordt in de tekst maar meer aan een televisie doet denken, staat: ‘We zijn vrij, we kunnen doen wat we willen.’ De zinnen volgen elkaar op. Er wordt een verhaal verteld, er wordt opgeroepen om de boel de boel te laten. We kunnen doen wat we willen.
Lees verder >>>
Ola Malaafani maakt in haar regie van Dantes ‘Goddelijke komedie’ gebruik van een boeiende mix van theatrale elementen om de kern van het verhaal te vertellen. Het meest opvallende daarin is het trapezewerk. ‘ Aerealiste’ Dreya Weber vertolkt de rol van Dantes muze Beatrice, Merijn de Jong speelt Dante. Hun liefdesdans in de lucht is een wonder van schoonheid. Malaafani maakt effectief gebruik van licht, donker, stilte, geluid, moderne en klassieke teksten. Zo ontstaat een fascinerend beeld van de hellereis van een moderne vluchteling.
‘La Divina Commedia’ werd begin 1300 geschreven door Dante Aleghieri, nadat hij uit Florence verbannen was. Negentien jaar zwierf hij als politieke vluchteling door Italië en verwerkte zijn pijn en verdriet in prachtige poëzie. In het boek maakt hij een fictieve reis door het hiernamaals: van de hel, via het vagevuur, naar het paradijs. Onderweg komt hij tal van politieke tegenstanders en andere figuren uit zijn tijd tegen.
Het Noord Nederlands Toneel gebruikt zowel klassieke als nieuwe teksten. Dante is in deze bewerking een illegale vluchteling die naar Europa is gevlucht. Acteur Merijn de Jong geeft een indringende vertolking van diens hellereis als verstekeling in de buik van een schip en zijn uitputtende gang langs de instanties. De politieke verwijzingen uit de veertiende eeuw zijn vervangen door sneren naar hedendaagse politici als Hans Alders (nevenfuncties) en Wilders. Ook moderne hebzuchtigen als Rijkman Groenink komen aan bod in een standup-comedian-achtige retirade, een bijzonder theatraal element in de verder vrij klassiek aandoende voorstelling. Klassiek onder meer door het optreden van performing poet Jos Kley, die de rol van gids heeft in het stuk. Zijn lange teksten blijven het dichtst bij de originele tekst. Kley’s ietwat lijzige, maar wel indringende dictie suggereert tijdloosheid en eeuwigheid.
Lees verder >>>
Jenny Beyer is één van de choreografen die afgelopen week te zien was op het Tilburgse festival Incubate. In het kader van het theater- en dansprogramma ‘Space that can be filled’, als onderdeel van Incubate, toonde Beyer haar solovoorstelling ‘TanzTanz’. Met deze voorstelling uit 2007 prikkelt Beyer de fantasie van het publiek.
‘TanzTanz’ is een korte solovoorstelling. Voor het maken van deze voorstelling heeft Beyer zich laten inspireren door afbeeldingen uit verschillende tijden en uit verschillende contexten. Haar uitgangspunt in de voorstelling is het menselijk lichaam. In ‘TanzTanz’ laat Beyer zien dat ze poses van zeer verschillende afbeeldingen kan nabootsen met haar lichaam. Zonder enige moeite wisselt Beyer afbeeldingen uit het verleden af met afbeeldingen uit het heden. Door het achter elkaar plaatsen van deze poses uit totaal verschillende contexten, lukt het Beyer om te komen tot een vloeiende dans en tot één geheel.
Lees verder >>>
Die Meistersinger von Nürnberg Oper Köln
Robert Holl meesterlijk in sensationele seizoensopening Opera Keulen
Recensie door Mark Duijnstee
De nieuwe intendant van Opera Keulen Uwe Eric Laufenberg begint het seizoen 2009 / 2010 met een opwindende eigen productie van ‘Die Meistersinger von Nürnberg’. De Nederlandse bas Robert Holl zingt hierin de hoofdrol magistraal, terwijl ook nog twee andere Nederlandse bassen een belangrijke bijdrage leveren.
‘Die Meistersinger von Nürnberg’ is Wagners zevende opera. Hij begon met het libretto een paar jaar voor de eerste versie van zijn antisemitische artikel ‘Das Judentum in der Musik’ en de uiteindelijke wereldpremière was in München in 1868, één jaar voor Wagners tweede versie van het manuscript. Deze nauwe tijdsrelatie laat sporen na in ‘Die Meistersinger’.
Met ‘Die Meistersinger von Nürnberg’ kon Wagner zijn pijlen op het gevestigde, muzikale etablissement van zijn tijd afvuren. Wagner was er namelijk van overtuigd dat de critici en professionele musici zijn gezworen vijanden waren. Zijn wrok is in ‘Die Meistersinger’ te proeven in de bitterheid en opzettelijke kwaadaardigheid van de schoenmaker Hans Sachs jegens Beckmesser, een karikatuur van een joodse recensent in Wagners tijd. In de opera staat de nieuwe Kunst van Walter voor Wagners eigen muziek, die wordt voorgedragen door Hans Sachs als bemiddelaar en profeet.
Lees verder >>>
IJzersterke acteerprestaties zijn in het Frankenstein-project van de Hongaarse regisseur Kornél Mundruczó de sleutel tot succes. In een groezelige bouwkeet wordt een staaltje acteerwerk neergezet waarmee de totaal onrealistische gebeurtenissen een scherp randje meekrijgen, dat alleen door geloofwaardigheid veroorzaakt kan worden.
Bijna iedereen op het toneel sterft een gewelddadige dood en toch blijven de personages herkenbaar. Het begin van de voorstelling speelt daarbij een belangrijke rol. In een met TL-balken verlichte bouwkeet zijn verschillende slaapkamers en een keuken te onderscheiden. Voorop staat echter een camera opgesteld, die gebruikt zal worden bij een casting. Roland Raba speelt een gekwelde regisseur op zoek naar de juiste Hongaarse acteurs. Hij richt zich direct tot de toeschouwers en speelt heel transparant. Voor een deel improviseert Raba, wat zijn geloofwaardigheid alleen maar ten goede komt.
Lees verder >>>
Tijdens de Internationale Keuze van de Rotterdamse Schouwburg komt het Italiaanse collectief Orthographe met een opvallende première. In ‘Controllo Remoto’ zijn geen acteurs of performers te zien. Hun uitgangspunt is een beeldende studie naar oorlogsvoering. De toeschouwers worden overweldigd, -letterlijk- verblind en tegelijkertijd aan hun eigen lot overgelaten.
In ‘Controllo Remoto’ wordt het publiek drie kwartier lang ondergedompeld in een audiovisueel spektakel. Met behulp van diaprojectoren, volgspots en rookmachines wordt oorlog door de eeuwen heen getoond. Foto’s van soldaten en kapotte gebouwen worden opgevolgd door nachtelijke videobeelden van huidige oorlogsdaden. Zeker de manier waarop oude dia’s worden geprojecteerd en oorlogstaferelen op vluchtige rook te zien zijn, is bij vlagen oogstrelend. De soundscape zorgt ervoor dat het lijkt alsof de oorlog de theaterzaal is binnengedrongen. Het is onmogelijk om te ontsnappen aan de beelden of de geluiden.
Lees verder >>>
Afgelopen week is het Tilburgse festival Incubate van start gegaan. Een festival dat onafhankelijke culturele uitingen toont uit binnen- en buitenland. Meer dan 200 underground artiesten bezetten de binnenstad van Tilburg. Er is vooral veel muziek, in alle mogelijke genres, maar ook beeldende kunst, theater en dans. Onder de noemer ‘Space that can be filled’ staat er een reeks performances geprogrammeerd in Theater De NWE Vorst in Tilburg. Het programma is maandag van start gegaan met de dansvoorstelling ‘Views in Process’ van de Oostenrijkse choreografe Doris Stelzer.
Stelzer studeerde zowel dans als biotechnologie. Ze is geïnteresseerd in het menselijk lichaam met de fysieke mogelijkheden en de anatomische aspecten ervan. ‘Views in Process’ maakt onderdeel uit van haar studie naar het menselijk lichaam. Haar inspiratie haalt ze uit advertenties, magazines en reclames. Stelzer toont haar publiek de stereotypen die de media veelal van het mannelijk lichaam laten zien. Ze belooft weinig dans, maar veel beweging. Weinig dans inderdaad, maar de beweging laat ook lang op zich wachten.
Lees verder >>>
Daar zit ze dan. Zieneres Cassandra met lange zwarte haren en een glanzende blauwe jurk. In haar hand alleen geen staf, maar een biertje. Eigenzinnig speelt Annemarie de Bruijn niet alleen Cassandra, maar ook actrice, Julia, Romeo, buurman, Don Juan en ga zo maar door. In ‘o.a. Cassandra’ laat De Bruijn geen gelegenheid voorbijgaan om in een andere rol te kruipen. Voor wie bekend is met theatergeschiedenis is het een feest der herkenning. Voor anderen een spannende, misschien niet altijd even duidelijke, ontdekkingsreis.
Ze roept “ai” en steekt haar armen theatraal de lucht in. Annemarie de Bruijn is zichtbaar aan het acteren. Hoewel ze van oorsprong geen actrice is, heeft ze zich de lichaamstaal en dictie van een klassiek geschoold actrice overtuigend eigen gemaakt. Het klinkt allemaal wat ouderwets, maar omdat De Bruijn de Oudgriekse zieneres Cassandra uitbeeldt, neem je dat als toeschouwer voor lief. Er valt een stilte, een stilte die lang duurt. “Jezus”, klinkt het ineens, “ik vergeet nooit mijn tekst”. Bij sommigen valt hier het kwartje, anderen doen er langer over: De Bruijn is uit haar rol gestapt en speelt nu een actrice. Een actrice met buren die hoge “kreetjes” slaken en een bananenplant voor het raam hebben staan. Van actrice switcht De Bruijn terug naar Cassandra – want daar is het publiek tenslotte voor gekomen.
Lees verder >>>
BOE! Een spookverhaal voor grote mensen ro theater
“Met Bram Coopmans, René van ’t Hof, Sylvia Poorta, Willemijn Zevenhuijzen en u” staat er op de flyers en posters te lezen van de derde voorstelling die Jetse Batelaan bij het RO Theater maakte. ‘BOE! Een spookverhaal voor grote mensen’ heeft alles in zich om de toeschouwer op het verkeerde been te zetten. Het begint met koptelefoons voor iedere bezoeker en een toneel bezaaid met vuilnis. Het eindigt met een lange slinger acteurs en toeschouwers die applaus halen. In de tussentijd is er alle ruimte voor associaties, maar ontbreekt de spanning.
Het is aan Jetse Batelaan over te laten een voorstelling te maken waarover gesproken wordt. Zijn werk is meermaals bekroond en hij is een graag geziene gast op festivals. Bij het RO Theater krijgt hij de kans om zijn werkterrein uit te breiden naar de grote (vlakke vloer) zalen. Voor de voorstelling ‘BOE!’ zoekt Batelaan direct contact met zijn publiek. Hoewel zijn concept ook dit keer van grote vindingrijkheid getuigd en de uitwerking ervan niets te wensen over laat, komt de voorstelling niet echt in de buurt van een goed spookverhaal.
Lees verder >>>
De performance van Actie!Duif gaat over engagement. Wat is er voor nodig om een massa enthousiast te krijgen? Met enkel inhoudelijke argumenten zal men moeilijk een massa weten te enthousiasmeren. “Taal moet aansteken. Ze is geen doel of middel, maar een lont, een lont aan het vuur” is het credo van de acht dames van Actie!Duif . Zelf hebben zij zich de verschillende middelen tot publieksmanipulatie in ieder geval succesvol eigen gemaakt. Of men zich er nu bewust van is of niet, na een uur bespeeld te worden door deze acht charmante dames zingt zelfs de meest verstokte conservatist met hart en ziel een revolutionair strijdlied mee.
“Je mag overal gaan zitten. Behalve daar, daar zit Michel.’ In het kleine zaaltje van het Ostade Theater in Amsterdam wijzen acht Vlaamse dames het publiek hun plaats. Onder de stoel ligt een verkiezingsformulier en een revolutionair strijdlied uit Latijns-Amerika dat een nog onwetend publiek aan het eind van de voorstelling in volle overtuiging mee zal zingen. In canon.
Lees verder >>>
In ‘Een vrouw in Berlijn, dagboekaantekeningen van april tot juni 1945’ wordt de hachelijke positie van een alleenstaande jonge vrouw in de bevrijdingsmaanden geschetst. De bewerking hiervan door de oorsprong Sovjet-Russische Nataliya Golofastova reduceert het leven tot twee dingen: eten en seks. Deze twee levensbehoeften en levensbedreigingen zijn de rode lijn in een zeer verhalende voorstelling die weinig aan de verbeelding overlaat.
Berlijn wordt in die dagen overspoeld door Russen. Duitsland heeft de oorlog verloren en de vrouwen staan er alleen voor. In het bezette Berlijn is weinig eten, dus het is niet verwonderlijk dat in dagboekaantekeningen voortdurend de zoektocht naar eten wordt beschreven. Dat de oorlogvoerende de Russen lange tijd geen vrouwen hebben gezien en zich dus vergrijpen aan de voorhanden zijnde Duitse vrouwen is afschuwwekkend maar voorstelbaar. De dagboekschrijfster beschrijft zonder veel gêne over beide verschrikkingen.
Lees verder >>>
Papieren feesthoedjes, veel gegiechel en een vrolijke spanning in de foyer van het Ostadetheater bij aanvang van de voorstelling Surprise! Het nieuwste stuk van stadsdeelgezelschap Slapelozen voor het Amsterdam Fringe Festival is een kleine gebeurtenis waarin je, zo zeggen ze, even meedoet in het leven van de ander. De vraag is, doe je dat ook?
Een gebeurtenis is het zeker. Terwijl het publiek her en der aan tafeltjes en bar verspreid zit loopt Victor Mentink de mensen langs om zichzelf voor te stellen en papieren hoedjes uit de delen. De bedoeling is dat het publiek meegaat om een verrassingsfeest te geven voor het pasverloofde stel Micha Hulshof en Joyce Timmerman. Onder begeleiding van Maartje Ghijssen wordt het publiek meegenomen naar een ‘geheime locatie.’ Eenmaal aangekomen ontvouwt zich de verrassing. En het maakt zijn naam waar.
Lees verder >>>
In de tuin van het middeleeuwse kasteel Duivenvoorde voert Illyria deze zomer de openluchtvoorstelling ‘A Midsummer Night’s Dream op. Het getalenteerde reisgezelschap, dat al zeventien jaar met haar toneelstukken door verschillende landen trekt, doet met haar pure eenvoud volledig recht aan Shakespeares stuk en de manier waarop deze oorspronkelijk werd bedoeld. Ook Shakespeare reisde vierhonderd jaar eerder met zijn toneelgezelschap rond in Londen.
In de tuin van Kasteel Duivenvoorde staat een klein houten podium zonder decor. Ervoor stalt het publiek een zelf meegebrachte picknick uit terwijl de acteurs er vrolijk doorheen slenteren en hun programma proberen te verkopen. Dan worden de programmaboekjes aan de kant gelegd en stappen zij op het kleine podium om een ijzersterke toneelvoorstelling neer te zetten. Deze door de wol geverfde acteurs weten de toeschouwer in onbedekte eenvoud, mee terug te nemen naar het begin van de zeventiende eeuw, waar zij getuige kunnen zijn van een authentiek aandoende theatervoorstelling van ‘A Midsummer Night’s Dream’.
Lees verder >>>
Regisseur/acteur Ko van den Bosch zal bij veel mensen een sterke reactie teweeg brengen. Dat is er een van afschuw van zijn chaotische, viezige en grove manier van toneelmaken, of juist totale aanbidding van datzelfde. Een ding dat zeker is, dit manusje-van-alles heeft een fikse groep devote fans en zijn werk is nooit of te nimmer saai te noemen.
De dubbelrol neemt Van den Bosch in ‘De mevrouwen Aarsschaafsel en Korrelfotze’ wel heel serieus. Niet alleen heeft hij het stuk geregisseerd, ook speelt hij een van de leading ladies. Of, lady? Twee uitgezakte, oude taarten staan op het podium te fulmineren tegen alles wat ook maar op hun pad komt. Hoofdonderwerp in hun tirade is de integratie van onze ‘getinte medemens’. “Het wordt tijd dat het gezegd wordt. We zijn onder gelijkgestemden, heerlijk. Dus. Hier komt het woord: KUTINTEGRATIE!” Deze sterke terminologie (en meer) wordt afgewisseld met pianoliedjes van de derde ‘dame’ in het gezelschap: mevrouw Wientjes, een stille rol voor Remko Wind. Naarmate het verhaal vordert worden de mevrouwen steeds dronkener en daardoor ook steeds eerlijker en dus grover.
Lees verder >>>
Een ruimte. Een tiental jonge mensen cirkelen om elkaar heen. Niemand kijkt naar ze, of juist iedereen. Het doet er niet toe, ze gedragen zich zoals zij dat willen, zonder schaamte of andere gevoelens die de mens normaliter beperken. En dat allemaal terwijl betoverende liedjes ten gehore worden gebracht. Random Collision meets Jean Parlette.
Random Collision is een collectief van choreografen, afkomstig uit Groningen. Ze zijn een podium voor jonge makers en maken veel bijzondere en experimentele voorstellingen. Dit jaar zochten ze de samenwerking met Friese band Jean Parlette. Fantastische zang, synthesizer, cello, gitaar en piano et voila, men heeft een band met een magisch geluid. De vier leden van de band worden geheel onderdeel van de dansvoorstelling en doen hier en daar zelfs een pasje mee.
Lees verder >>>
Eh, muziekmakende planten? En hoe überhaupt die titel uit te spreken? De aankondiging van de voorstelling van het Franse duo Defoort en Groeger creëert hooggespannen verwachtingen.
Het is een soort tweeluik. Maar dan een tweeluik waarvan de delen op hetzelfde moment plaatsvinden. De ene helft van de ruimte is een interactieve expositie, met vreemde krantenknipsels, kartonnen dozen en een futuristische test waarbij grote bladeren dienst doen als knoppen. Aan de andere kant speelt zich de voorstelling doorlopend af. Het is een grote vicieuze cirkel, waarbij de toeschouwer mag kiezen wat hij of zij wil zien.
Antoine Defoort en Halory Groeger zijn twee mensen in de toekomst, en schetsen hoe de wereld er over een x aantal jaren uitziet. Bill Gates die maar blijft leven en in 2096 met de finale editie van Windows komt: Windows Human Edition. Op te vatten als een aanklacht tegen de digitalisering en het inhumane dat daarbij komt kijken. Het gesprek met de roboteenheid 22961 is hilarisch. Hij valt niet op iemand van hetzelfde geslacht, maar op een mens, en heeft daarom zichzelf laten ombouwen tot man van vlees en bloed. Zo ook het “metalconcert” dat in plaats van een gitaar, een toetsenbord als instrument heeft en in plaats van zang, een Worddocument uitbraakt.
Lees verder >>>
Die lustige Witwe Het Gelders Orkest
Remmen los bij ‘Die lustige Witwe’ van Het Gelders Orkest
Het is een bekend gegeven dat een uitvoering van de operette ‘Die lustige Witwe’ vaak aan het einde van de eerste akte op gang komt. Dat is namelijk het moment waarop de dansorgie begint. In ‘Die lustige Witwe’ van Het Gelders Orkest in het Concertgebouw te Amsterdam gingen dan ook pas na de pauze de remmen los.
Ondanks het feit dat de Weense wereldpremière van ‘Die lustige Witwe’ van Franz Lehár (1870 - 1948) in 1905 slecht werd bezocht (er waren zelfs vrijkaarten uitgedeeld) en door rommelige voorbereidingen teleurstelde, maakte de operette de daarop volgende dagen via mond-op-mond reclame een sensationele triomfrit. De twee hoofdrolzangers Louis Treumann als Danilo, die door de Nazi’s vermoord zou worden in het concentratiekamp Theresienstadt, en Mizzi Günther als Hanna namen zelfs een paar maanden later al acht fragmenten uit ‘Die lustige Witwe’ op voor de grammofoonplaat.
Het was een ware revolutie geworden en de naam van Lehár voor altijd gevestigd. Een zo ongewoon georkestreerde, ongekende opeenvolging van dansen had de muziekwereld nog niet eerder gehoord en een nieuw genre was geboren: de dansoperette. Na de introductie van de personages komt ‘Die lustige Witwe’ bij de Sirenenwals en de Polka aan het einde van de eerste akte goed op gang. Ook bij Het Gelders Orkest, die een semiscenische opvoering met deels Oostenrijkse, deels Nederlandse solisten brengt, komt het vuurwerk vanaf de tweede akte als het publiek en de musici kennis hebben gemaakt met de akoestiek, de ambiance en elkaar.
Lees verder >>>
De ingebeelde zieke De Utrechtse Spelen
Klassieke medische satire zinderend tot leven gebracht
‘De ingebeelde zieke’ (1673) van Molière was vroeger verplichte kost voor menig scholier. De saaie schooluitvoeringen nodigden niet bepaald uit ooit nog een Frans toneelstuk te bezoeken. Hoe anders zal dat zijn voor de hedendaagse bezoeker van de springlevende bewerking van dit klassieke stuk door het nieuwe gezelschap De Utrechtse Spelen onder leiding van Jos Thie. De humor en de levenslust spatten ervan af. Geestig worden inhalige dokters en apothekers te kijk gezet, die inspelen op de levensangst van de rijke hoofdrolspeler. De oorspronkelijke muziek en entr’acts maken de voorstelling extra bijzonder.
‘Uitbundig’ is de dresscode voor de première van ‘De ingebeelde zieke’. Uitbundig is ook de uitdossing van de acteurs als het doek wordt opgetrokken na de inktzwarte proloog. Wat een feest van kleur en geluid. Behalve de ingebeelde zieke zelf, gekleed in een luchtig wit gewaad, dragen alle acteurs felle en uitbundige kostuums. Béline, de echtgenote van Argan, is gehuld in een elegante jurk met ruches en volants. Dr. Diarrheaux Peristaltique draagt een zuurstokroze pak en zijn zoon een knalgeel. Alleen huishoudster Toinette, een schitterende rol van Loes Luca, is in stemmig grijs gehuld.
Lees verder >>>
Het is een avontuurlijk idee: een nachtelijke wandeling langs theatrale en muzikale optredens rondom het werk van Edgar Allen Poe. Tweehonderd jaar geleden werd de vader van het moderne griezelverhaal in Boston geboren. Deze zomer brengt Roald van Oosten met zijn band Ghost Trucker en diverse gasten ‘In Poe Park’, een ode aan deze schrijver. Hoewel de vormgeving en muzikale omlijsting prachtig zijn, schiet de voorstelling inhoudelijk wat tekort.
Op het licht van de fakkels en gekleurde lampjesslinger na, is het al helemaal donker in de Tolhuistuin als de voorstelling begint. Vier begeleiders met grote lantaarns loodsen de groep bezoekers langs de performances op verschillende plekken in het park. Wie niet gehaaid genoeg is, staat achteraan en ziet niets dan donkere ruggen voor zich.
Het publiek maakt kennis met Sam Porpora, een man die jaarlijks het graf van Poe bezoekt om er een toast op hem uit te brengen. De zwart-romantische sfeer die met Poe’s werk geassocieerd wordt, is bijzonder mooi neergezet met schaars, soms kleurrijk verlichtte speelvlakken en stijlvol zwart of wit geklede acteurs en musici. Een jonge vrouw met springtouw of op een schommel doet een extra beroep op het fantaserende kind in de toeschouwer. Alsof ze je als een Alice mee het Wonderland in wil trekken, door de spiegel heen. Tegelijkertijd heeft ze iets erotisch, iets Lolita-achtigs. De vormgeving van ‘In Poe Park’ was in handen van Malou ter Horst en Theun Mosk.
Lees verder >>>
In ‘Mamadeern’ zijn de rollen omgedraaid. De zeventienjarige Dina zorgt voor haar moeder in plaats van andersom. Alles doet ze eraan om haar moeder uit het leven te laten stappen, waar zij langzaam aan kapot gaat. Het is wrang om te zien hoe het noodlot ook haar langzaam in zijn greep krijgt. ‘Mamadeern’ is een krachtig, indringend spel over liefde en onschuld, macht en onmacht.
Dina’s moeder is een hoer. Ook al wordt ze steeds weer in elkaar geslagen, ermee stoppen kan ze niet. De zeventienjarige Dina probeert haar thuis te houden, maar zonder resultaat. In een aantal korte scènes wordt de situatie van moeder en dochter geschetst. Ze leiden een armoedig bestaan in een Vlaamse volksbuurt, waar een aantal huurders rond één trap nauw samenleeft. Er heerst een breekbaar evenwicht, waar goed voor elkaar gezorgd wordt zolang iedereen zich aan de regels houdt. De buurt is echter ook een verstikkende gevangenis, waaruit nauwelijks te ontsnappen valt. Want eenmaal een hoer, altijd een hoer. En ook een hoerendochter moet haar plaats kennen.
Lees verder >>>
‘Alfa’, een voorstelling van Hotel Witlox in coproductie met Drieons en Stella Den Haag, vertelt het verhaal van een jonge soldaat die wil deserteren. De monoloog, naar ‘Het boek Alfa’ van de Vlaamse schrijver Ivo Michiels, beleefde onlangs haar première op het festival Boulevard in Den Bosch. De experimentele roman uit 1963 is doeltreffend bewerkt tot een meeslepend duet voor stem en vleugel.
Met zijn handen rustend op zijn bovenbenen en zijn blik naar beneden gericht, kijkt de jongeman strak voor zich uit. Oskar lijkt net zo levenloos als de stenen Christusbeeldjes in de glazen kubus waar hij bovenop zit. Om hem heen staan nog meer van die kubussen op de houten vloer, allemaal met inhoud. Zand en schelpen, zwarte aarde, lege weckflessen, legerdekens, crucifixen, jute zakken, kleurige kunstbloemen. Verwijzingen naar het verleden waaraan Oskar wil ontsnappen. Onbewegelijk zit hij daar, een soldaat op wacht. Hij praat tegen zijn lief An, naar wie hij toe wil en met wie hij in beweging wil komen. Weg van het leger en zijn eigen geschiedenis waarin hij al vaker wilde vluchten maar niets deed. Opnieuw beginnen, ver van de plattelandsgemeente waar hij opgroeide met de strenge leefregels van de kerk en zijn ouders, de pesterijen van medescholieren en de gewelddadige dorpsslager Schram. Maar op deserteren staat de doodstraf.
Lees verder >>>
Het Eindhovense gezelschap United-C toont in drie prachtige solo’s en een adembenemend slotstuk de resultaten van zijn studie naar het vrouwelijk lichaam. De jonge danseressen bewegen geheel naakt over het podium, zonder schaamte, soms ingetogen, soms uitbundig. In ‘WHO cycle’ toont regisseur Maarten van der Put geen naakt om te shockeren of om een statement te maken, maar om de pracht en puurheid van het lichaam te tonen.
In het half duister start een jonge ballerina (Hilde Elbers) met de eerste solo. Langzaam wordt het licht feller en daarmee wordt haar lichaam duidelijker voor het publiek. Door haar bewegingen is de anatomie van haar lichaam uiterst precies te zien. Gedurende de dans verandert ze van een ballerina in een dierlijk wezen. Ze beweegt zich lenig en sierlijk over het podium, soms langzaam en zacht, dan weer snel en wild.
De danseres in solo twee (Marleen Kleinstapel) beweegt zich tergend langzaam en ingetogen over het podium. Met kleine subtiele bewegingen en onduidelijke handelingen weet ze de aandacht van het publiek te vangen.
Lees verder >>>
Spannend bewegingstheater en gepassioneerde teksten zijn de belangrijkste ingrediënten van ’Apenverdriet’. In circa anderhalf uur worden de levens opgeroepen van een jonge en een oudere vrouw die elkaar ontmoeten na afloop van een feest. Ze botsen, maar vinden ook tederheid bij elkaar. Ontstaan uit improvisatie blijft ‘Apenverdriet’ enigszins fragmentarisch, maar biedt het wel een boeiende confrontatie tussen twee sterke vrouwen.
Een jonge ineengedoken vrouw, ontvouwt zich langzamerhand en ontlaadt zich in een woeste, stampende dans. Een oudere vrouw, in de kamer naast haar, maakt dezelfde bewegingen. Veel minder lenig, veel voorzichtiger, maar onmiskenbaar veelal dezelfde bewegingen. Hun ontmoeting is een confrontatie en een omhelzing. En eigenlijk is in die beweging het hele verhaal verteld. Wat overigens niet wil zeggen, dat het stuk daarna geen zin meer heeft. Integendeel, de teksten en vooral het prachtige spel van de actrices geven verdieping en kleur aan het in de opening geschetste gevoel.
Lees verder >>>
Ashes Les ballets C de la B
Spectaculaire opening Theaterfestival Boulevard met ‘Ashes’
De 25e editie van Theaterfestival Boulevard is afgelopen zaterdag officieel geopend met de Nederlandse première van de voorstelling ‘Ashes’ van regisseur Koen Augustijnen van het Vlaamse Les ballets C de la B. Een veelzijdige, spectaculaire voorstelling waarbij het publiek ogen te kort komt.
‘Ashes’ is een echte Les ballets C de la B voorstelling. Verschillende disciplines, stijlen en culturen worden samengebracht en zorgen voor een nieuwe, unieke vorm van theater. Het podium is gevuld met een groep van acht dansers met verschillende culturele en dansachtergronden. Er speelt een live muziekensemble met cello, viool, luit, accordeon en marimba en er zijn twee operazangers, een sopraan en een altus, aanwezig op het podium. Het decor, ontworpen door Jean Bernard Koeman is groots en biedt voldoende ruimte voor de acrobatische capriolen van de dansers. De setting is een stad met op de voorgrond een plein en op de achtergrond gebouwen.
Lees verder >>>
Ketwoeman No Can Doe
Eeuwenoude strijd tussen goed en kwaad vanuit kattenperspectief
Zijn alle katten niet stiekem superhelden? Het is heel geloofwaardig. Dat soepele lijf, snelle bewegingen en die allesomvattende charme doet verwachten dat ze er een tweede leven op nahouden als iedereen ligt te slapen. Zo ook Ketwoeman, een uit de kluiten gewassen katje met bontmantel.
In de DC Comics is het personage van Catwoman altijd ondergeschikt geweest aan haar fladderende, mannelijke tegenspeler Batman. In de verfilmingen bevindt zich een erotische ondertoon tussen hun gesprekken. Ook No Can Doe speelt met dit gegeven. Ketwoeman heeft de brui gegeven aan haar carrière als redster van het universum en zit tegenwoordig bij twee nietsvermoedende baasjes te sippen over haar stukgelopen relatie met Batman. Als de buurpoes Blackie wordt meegenomen door de oh zo gruwelijke dierenasielauto, krijgt ze het zwaar te moede. Blijft ze lekker thuis van de kattenbrokjes snoepen of legt ze toch haar halsbandje terzijde?
Lees verder >>>
“Dames en heren, wij presenteren u de donkerste, duisterste krochten van de menselijke ziel! Komt en zie Sakuru ZenZen!” Kennelijk zijn veel mensen dan wel op zoek naar hun eigen duistere krochten, dan wel nieuwsgierig naar die van anderen. De voorstelling van EAST74 is continu uitverkocht. Of zal het komen door de kortgerokte dames die verleidelijk bij de entree staan?
Een wit, verrijdbaar scherm wordt aan de kant geschoven. Bám. Een rockliedje knalt uit de speakers, korte rokjes, kniekousen, een knalroze en een knalblauwe pruik, twee gitaren en uiteraard twee dames in de rokjes. Sakura Zenzen is begonnen. De plannen van EAST74 zijn om tenttechnische redenen gewijzigd. Nadat ze vorig jaar met ‘Celluloid Fever: The Godess’ het Paradepubliek omver bliezen wilden ze dit jaar verder gaan met deel twee van het geplande drieluik: ‘Celluloid Fever: The Freak’. Nu hebben ze echter hun toevlucht moeten zoeken tot éen gruwelijk Japans sprookje’.
Lees verder >>>
Het is weer zover. De Parade is op eindstation Amsterdam neergestreken. Roseetjes vliegen met tientallen over de toonbank en heel Bekend Nederland paradeert rond in het Martin Luther King park. Dit festival wordt door menigeen tegenwoordig als ‘echt zo’n Oud-Zuid dingetje’ getypeerd. Niettemin is het een broedplaats voor veel nieuw talent.
Echter ook oudgedienden passeren de revue. Zo ook John Buijsman met zijn voorstelling ‘De Broekneus’. Deze telg van de Rotterdamse Buijsman-familie is bij het grote publiek bekend als de sul uit de Gamma-reclames. Met deze Paradevoorstelling bewerkt hij samen met componist Keimpe de Jong een gedicht van Peer Wittenbols. De kracht van Wittenbols zit hem zoals altijd in de eenvoud en herkenbaarheid van het onderwerp. In dit geval verhaalt hij van de fysieke onvermogen van Jan Piert Joris Vanderneuk. Het is mei, heerlijk weer en iedereen is geil. Echter, Vanderneuk kan vanwege de angst dat zijn vrouw vreemdgaat met de overbuurmaan zijn plassertje niet meer overeind krijgen. Hij krijgt hulp uit de meeste vreemde hoeken: een tandenloze oude hoer en een kapelaan staan hem fysiek bij in deze zware tijden.
Lees verder >>>
Lopend over De Parade struikelen de bezoekers over de mensen die voorstellingen promoten. In het geval van ‘Mr. Hands’ al te letterlijk. Een bestuurbare hand rijdt als een malloot onder tafels en tussen benen door. Er kan in ieder geval geen onduidelijkheid over bestaan wie of wat de hoofdrol speelt in deze moderne dansvoorstelling van Area 51.
Area 51 is geen nieuwkomer op de Parade. Vorig jaar stonden ze er met ‘After Dark’. Ook dit jaar houdt componist en animatiekunstenaar David Middendorp vast aan een soortgelijk concept. Een solodanser (dit keer een man), een animatie en live-muziek met strijkers. De hoofdrol is weggelegd voor een levensgrote hand. Een hand die Japanse danser Yutaka Nakata bespeelt en dirigeert. Op het moment dat Mr. Hands een deur tekent en die opent, begint de voorstelling pas echt. Nakata’s soepele lijf beweegt zich al naar gelang de wensen van de hand.
Lees verder >>>
Een titel als “Dranck” spreekt natuurlijk tot ieders verbeelding. Neem daarbij het uithangbord van een levensgrote Jack Daniels fles en je begrijpt waarom Paradetent 2 tot de nok toe gevuld is. The Sadists weet als enige op deze maandagavond alle voorstellingen uit te verkopen. Over alle stadia van liefdesverdriet en daarbij horend drankgebruik.
The Sadists is een van die theatergezelschappen (bestaande uit Erik van der Horst, Kasper Schellinghout en Victor Griffioen) die bij moederkloek Orkater de kans krijgt om zich te bewijzen. Vorig jaar stonden zij met ‘Alabama Chrome’ op de Parade, dit jaar winnen ze het publiek voor zich als drie eeuwig dronken mannen ‘die hun gebroken hart aan stukken lijmen’.
Decor van een vuil stapelbed voor drie personen, een muur van bierkratten, lege flessen en her een der een muziekinstrument. Drie studentikoze mannen reciteren bij het licht van een kaars een Duitstalig lied. Dan barst het los. Dronken als ze zijn tollen ze met hun laatste krachten in bed. De halve drankvoorraad wordt over elkaar heen gekotst, oh wee als je in het laagste bed ligt. Dan de volgende ochtend. Eentje wil het vagevuur ontvluchten en besluit tot een nuchter, sober en vooral puur leven: ‘ik ga aan pure dingen denken, zoals, eh, witte sneeuw.’ Weet hij stand te houden tegen zijn volhardende ‘medeboeven’, of grijpt hij toch nog voor de allerallerallerlaatste keer naar de fles?
Lees verder >>>
De 2009 première van ‘Der Ring des Nibelungen’ in Bayreuth werd afgesloten door een degelijke ‘Götterdämmerung’. De "Bühnenfestspiel" van drie avonden met een vooravond had veel gevergd van de lange-termijn-concentratie van haar bezoekers, die na afloop met een aanvechtbare mixtuur van bravo's en boegeroep de medewerkers begroetten.
‘Götterdämmerung’ (1876) is de langste, moeilijkste en gewichtigste van de vier Ring opera’s van Richard Wagner (1813 - 1883), waarin de "Leitmotieven" van de vorige drie delen nog eens in verschillende hoedanigheden de revue passeren. De opera speelt zich af in de wereld van de mensen waaruit Wotan zich heeft teruggetrokken. Het verhaal gaat terug naar de ring: in ‘Götterdämmerung’ is het van belang wie wanneer de ring in zijn bezit.
Lees verder >>>
Twee ruige dames rammen de Cinerama op de Parade bijna omver. Hoge kisten, leren jassen, bretels en punkpruiken. Een bebrilde, blonde man blèrt in de microfoon dat het een lieve lust is. Komt dat zien, Absolutely Doomed is in tha house! Althans, als dat blijft staan… “Kinderen zijn welkom, maar weet dat ze een hekel hebben aan kinderen! Dus, in de hoek en stil zijn!” Gelukkig geen lieve romantiek vanavond.
Tom de Ket is geen stilzitter. Al jaren timmert hij aan de weg, waarvan zijn bekendste uitspatting wellicht het komische toneelduo ‘Houts & De Ket’ is. Zowel tekst als regie van ‘Absolutely Doomed’ zijn van zijn hand. Het spel wordt door Gusta Geleijnse, Heidi Arts en Marcel Harteveld uitgevoerd.
In Absolutely Doomed maken Billy (Geleijnse) en Joy (Arts) amok tegen de bureacratische maatschappij en zijn ze tegen alles dat kapitalisme heet. Zelfs na twintig jaar denken ze nog immer door te breken met hun punkband Absolutely Doomed. Uiteraard zonder ‘commerciële gigs om rijke hippies een goed gevoel te geven’ te accepteren. Ze wonen in een uitgewoond krot en doen werkelijk helemaal niets. Met name
Lees verder >>>
Het is weer zover. De Parade is in eindstation Amsterdam neergestreken. Roseetjes vliegen met tientallen over de toonbank en heel Bekend Nederland paradeert rond in het Martin Luther King park. Dit festival wordt door menigeen tegenwoordig als ‘echt zo’n Oud-Zuid dingetje’ getypeerd. Niettemin is het een broedplaats voor veel nieuw talent.
Zo ook ‘Deseo’ van dansgezelschap anoukvandijk dc. Deze Nederlandse dame timmert al een aantal jaren aan de weg. Ooit begonnen bij Rotterdam Dance Group startte zij in 1998 met haar eigen dansgezelschap. Niet zonder succes, twee jaar later won ze de prestigieuze Lucas Hoving Prijs (een eer die ook bijvoorbeeld Johan Inger van het Nederlands Dans Theater ten deel viel).
‘Deseo’ bestaat uit een dertigtal korte dansscènes, over allerlei facetten van het menselijk verlangen. Zoals het een dansgezelschap betaamd, bestaat ook anoukvandijk dc uit allerlei nationaliteiten.
Lees verder >>>
De jonge theaterformatie UNM maakt van Antwerpen Linkeroever een metafoor voor het leven: ‘Je wilt paleizen bouwen maar eindigt drie hoog achter.’ Op een rijdende tribune volgt het publiek de ontmoeting tussen een Nederlandse jongen en een Belgisch meisje die elkaar beloven om wel alles uit het leven te halen wat er in zit.
De voorstelling ‘Tussen Hond en Wolf’ waarvan de titel verwijst naar de Franse naam voor de schemer tussen nacht en dag waarin het verhaal zich zogezegd afspeelt, is gebaseerd op de films ‘Before Sunrise’ en ‘Before Sunset’ van Richard Linklater. In de films ontmoeten een Amerikaanse jongen een Frans meisje elkaar in de trein van Budapest naar Wenen. Ze besluiten in Wenen uit te stappen en samen een nacht door de stad te dwalen. In de enige nacht die ze samen hebben filosoferen ze over het leven, dromen ze over de toekomst en worden ze verliefd, tegen de achtergrond van sfeervolle stadsgezichten. UNM brengt dit verhaal over een magische menselijke verbondenheid naar de ‘fascistische’ setting van Antwerpen aan de andere kant van de Schelde.
Lees verder >>>
In de Bayreuth 'Siegfried' blijft dirigent Christian Thielemann consequent wisselvallig en lijkt regisseur Tankred Dorst opnieuw niet de balans te kunnen vinden tussen de legende en het hedendaagse. Sprookjesachtig wordt het allerminst, maar gelukkig wordt er goed gezongen.
'Siegfried' (1876) is de derde opera uit 'Der Ring des Nibelungen' van Richard Wagner (1813 - 1883) en wordt het minst vaak uitgevoerd. De reden hiervoor moet niet alleen gezocht worden in de lange duur, maar ook in de veeleisende bezetting. De opera heeft vier grote hoofdrollen, waaronder een onverwoestbare heldentenor in de titelrol en een dramatische sopraan met hoge C's. Daarnaast zijn ook in het werk zelf redenen aan te wijzen voor de verminderde populariteit. De opera lijkt op het eerste gezicht niet homogeen, vanwege de verschillende karakters van de sprookjesachtige eerste twee akten en de verheven derde. De reden hiervoor is dat ruim tien jaar voorbij gingen tussen het componeren van de rustieke eerste twee akten en de meer epische derde. In die periode schreef Wagner ondermeer 'Tristan und Isolde', dat doorklinkt in de derde akte van 'Siegfried'. Daarentegen brengt Wagner eenheid in 'Siegfried' door een geraffineerd netwerk van "Leitmotiven".
Lees verder >>>
Die Walküre Bayreuther Festspiele
Eva-Maria Westbroek brengt ‘Die Walküre’ in Bayreuth op een hoger plan
De Bayreuth enscenering van ‘Der Ring des Nibelungen’ kent in ‘Die Walküre’ grote momenten. De personenregie van Tankred Dorst is meer bevlogen dan op de vooravond en dirigent Christiaan Thielemann houdt ondanks enkele zwakke, interpretatieve ogenblikken het geluid gecontroleerd. Maar de productie ontstijgt het predikaat van ‘een geslaagde voorstelling’ en wordt daadwerkelijk op Bayreuth-niveau getild door de Nederlandse sopraan Eva-Maria Westbroek met haar extatische vertolking van Sieglinde.
‘Die Walküre’ (1870) is de meest gespeelde opera van het vierluik ‘Der Ring des Nibelungen’ van Richard Wagner (1813 – 1883). Maar het is ook een moeilijke. Het muzikale idioom van haar eerste akte is vloeiender en in harmonie met de dramatische betekenis van de tekst, terwijl de tweede en derde akte een veel meer recitatiefachtig karakter hebben en tekst en muziek minder gelijkwaardig zijn. In ‘Die Walküre’ komen twee werelden bij elkaar: de realistische en aardse tragedie van de gedoemde, incestueuze liefde van de tweeling Siegmund en Sieglinde en de mythische en goddelijke handelingen van Wotan en zijn dramatisch gecompliceerdere confrontatie met zijn andere dochter Brünnhilde.
Lees verder >>>
Das Rheingold Bayreuther Festspiele
‘Das Rheingold’ van Tankred Dorst is vooral oprecht
In Bayreuth wordt het megawerk ‘Der Ring des Nibelungen’ van Richard Wagner dit jaar voor de vierde achtereenvolgende jaar opgevoerd in de enscenering van Tankred Dorst. De vooravond ‘Das Rheingold’ wordt door zijn regie niet een heel sterke productie, maar muzikaal is het een goede opmaat voor de tetralogie.
In Bayreuth wordt ongeveer iedere zes jaar ‘Der Ring des Nibelungen’ van Richard Wagner (1813 - 1883), die bestaat uit een vooravond plus drie langere avonden, opnieuw geënsceneerd. In 2006 werd Tankred Dorst (1925, Türingen) hiervoor naar de “grünen Hügel” gevraagd. Dorst had als toneelschrijver al vele prijzen en onderscheidingen ontvangen, maar nog niet eerder had hij een operaregie gedaan. In Bayreuth viel hij in voor de Deense filmregisseur Lars van Trier, die op het laatst had afgezegd. Maar ondanks dit last-minute excuus, lijkt de afgelopen jaren de 80-jarige Dorst niet veel gedaan te hebben met de kritiek die er was op zijn Ringregie uit 2006.
Lees verder >>>
Allen die vallen Comp. Marius.
Het hart uitstorten op de openbare weg of thuis stillekes ontbinden
De Vlaamse openluchttheatermakers van Comp. Marius geven hun bewerking van Becketts ‘All that fall’ de ondertitel ‘Schonen dag om een koerske te doen.’ Als in een paardenkoers kan men geluk hebben in het leven, één gunstige gok op ‘Pink Pussy’ of ‘Lady Macbeth’ kan al voldoende zijn. Er is ook de keerzijde, de betekenisloze misère die het gevolg kan zijn van een ongelukkige inzet op bokkende ‘Tropical Danny.’ De hoofdpersonen in deze voorstelling zijn de spreekwoordelijke gevallen rijders die proberen om te gaan met ‘de andere kant van de medaille’.
Samuel Beckett schreef ‘Allen die vallen’ in 1956 als hoorspel voor de BBC. Toen had hij zijn bekendere toneelstukken ‘Wachten op Godot’ en ‘Eindspel’ al geschreven. Zoals in al zijn werk verpakt hij ook weer in ‘Allen die vallen’ de thema’s zinloosheid en vergankelijkheid in een absurd en wrang humoristisch cadeaupapier. Comp. Marius maakt het verhullende jasje zichtbaar in al zijn bonte kleuren.
Lees verder >>>
Ruim honderd jongeren hebben zich verzameld in het centrum van Rotterdam. Via sms’jes, e-mails en hyves zijn ze op de hoogte gebracht van de precieze tijd en locatie. Vol spanning wachten ze de volgende instructies op. Dan bereiden Charlie Todd en Cody Lindquist van het New Yorkse Improv Everywhere de deelnemers voor en vertrekt de groep los van elkaar naar de Beurstraverse. Het is tijd voor de actie.
Even later lopen beveiligingsmedewerkers zenuwachtig heen en weer. Er wordt wat gegniffeld en het gelach neemt toe. Verbaasde omstanders blijven even staan kijken en lopen dan weer door. In winkels wordt druk gespeculeerd over het gebeuren: allemaal lachende mensen bij elkaar. Ze voeren nauwgezet de actie uit die door Todd en Lindquist is uitgezet, zonder dat direct duidelijk is dat het om een ingestudeerde scène gaat.
Improv Everywhere werkt al ruim acht jaar regelmatig aan dergelijke ontregelende acties waarbij een grote groep mensen de aandacht trekt door iets abnormaals te doen. In 2001 richtte Charlie Todd de groep op om georganiseerd plezier te maken. Als acteur ontdekte hij dat hij niet in het theater hoefde te staan om een podium te krijgen en bedacht hij meer acties die in openbare ruimtes plaatsvonden. Deze acties worden strak voorbereid, maar omstanders merken hier vaak niets van. Samen met een paar vaste ‘agents’ waaronder Cody Lindquist organiseert Improv Everywhere grotere en minder grote acties. Ze reizen daarmee over de hele wereld.
Lees verder >>>
Hoog bezoek Elien van den Hoek
‘Hoog Bezoek’: meer dan een zoet en geestig kindersprookje
Recensie door Maaike Glerum
Klop- en boorgeluiden klinken op uit een klein houten huisje in de Tolhuistuin in Amsterdam- Noord. Het decor van ‘Hoog Bezoek’ past zo goed in deze lommerrijke omgeving dat het net lijkt alsof het er altijd heeft gestaan. Met de herneming van haar succesvolle regiedebuut bewijst Elien van den Hoek op een evenzo natuurlijke manier een liefdevolle, gelaagde voorstelling te hebben gemaakt die geschikt is voor iedereen vanaf vijf jaar.
Een klein vrouwtje klust in het bos aan een al even klein huisje, waarin ze alles precies op maat heeft gemaakt. Dat zorgt voor de nodige problemen als er een man langskomt die ze op de thee wil vragen. Vergeleken met het vrouwtje blijkt de boomlange gast letterlijk hoog bezoek. In haar huisje gedraagt hij zich dan ook als een olifant in een porseleinkast. En dat kan niet zonder gevolgen blijven.
‘Hoog Bezoek’ bleek na zijn verschijnen in 2003 zo succesvol dat de voorstelling dit najaar hernomen is. Na het Over het IJ festival zal deze productie komende september nog te zien zijn op Het Houten Huis Festival in Broek in Waterland. En gelukkig maar want met haar debuut leverde de destijds pas 23-jarige Van den Hoek een klein juweeltje af, waaraan zichtbaar met veel liefde, aandacht en plezier is gewerkt. Dat blijkt niet alleen uit het ingenieuze decor - het houten huisje dat moeiteloos in en uit elkaar kan worden gehaald. Het is ook af te zien aan het sterke, fysieke spel van acteurs Marica Bujaki en Bram Gerrits en te horen aan de sfeervolle klarinet- en accordeonmuziek van Don Munzer en Quido Put. Alle elementen in deze voorstelling zijn met oog voor detail bij elkaar gebracht en vormen samen een intelligent en stijlvol geheel.
Lees verder >>>
All the people I didn't meet Judith Nab
Intrigerend spel van ontmoetingen
Recensie door Maaike Glerum
In haar interactieve installatie ‘All the people I didn’t meet’ onderzoekt performancekunstenares Judith Nab de grenzen van menselijke communicatie. Lopend door een schaars verlichte fabriekshal in Amsterdam–Noord wordt de bezoeker langzamerhand onderdeel van een intrigerend spel dat draait om ontmoetingen tussen mensen die elkaar nooit hebben gezien of gesproken.
Boven aan de trap rinkelt een telefoon. ‘Oh, ben jij het? Ik had je niet herkend’, zegt een onbekende man de andere kant van de lijn. Pas nu ontdek je dat je gefilmd wordt. Een monitor brengt de bezoeker vanuit vier hoeken in beeld, als het scherm van een bewakingscamera. ‘Je ziet er heel anders uit dan ik je ken’, zegt de stem. Dan nodigt hij je uit om via het balkon de voorstellingsruimte te betreden.
De installaties en performances van de in Parijs als mimekunstenaar geschoolde Nab kenmerken zich door het gebruik van licht en donker, een mengeling van oude en nieuwe media om optische illusies te bewerkstelligen en het veelal ontbreken van acteurs. Ook in ‘All the people I didn’t meet’ is de hoofdrol weggelegd voor de bezoeker. In de grotendeels verduisterde fabriekshal mag die zelf zijn route kiezen langs de verschillende verlichte hoekjes, die Nab als kleine ontmoetingseilandjes heeft ingericht. Er staan computers waarop je kunt chatten, videoschermen tonen onbekende gezichten en je kunt luisteren naar telefoongesprekken van anonieme bellers.
Lees verder >>>
Ik vind je héél leuk, maar niet in het openbaar’ De verliezers
Publiek zit jammer genoeg niet tussen treinpassagiers, maar in een speciaal gereserveerde stiltecoupé – aan het gangpad, tegenover een ander. Op verhalende en theatrale wijze tonen de verliezers, in het bijzonder actrice Romanee Rodiguez, de schaamte die veel treinpassagiers voelen. Een concept dat zij best uit hadden mogen buiten. In ‘Ik vind je héél leuk, maar niet in het openbaar’ hinten zij slechts naar de spannende paradox te midden van treinpassagiers in een trein te zitten, voor een voorstelling over treinpassagiers.
Even lijkt het zelfs een ‘gewoon’ toneelstukje te worden. “Daar ligt iemand”, schrikt een jongen. Een stuk been steekt luguber onder een zitplaats vandaan. Krijgt het publiek een bewerking van Agatha Christies ‘Moord in de Orient-Expres’ voorgeschoteld? Toeschouwers werpen giechelend een blik op het been en wenden zich daarna snel tot iets anders. Hoe zou het publiek reageren als er een echt lijk in de trein lag? De trein zet zich in beweging zonder dat de verliezers een poging doen om dit uit te vinden.
Lees verder >>>
Recensie door Marie-Paule Fritschy
De teksten van toneelschrijver Marjolijn van Heemstra lijken te ontstaan uit een nieuwsgierigheid naar zeldzaam fysische fenomenen. Eerder schreef zij over de blauwe maan en voor het Over het IJ Festival dompelt zij zich, met muzikant Roald van Oosten, onder in de diepzee. Haar teksten zetten aan het denken en smaken naar meer, mits ze aantrekkelijk zijn geënsceneerd. Wat dat betreft schiet ‘Ondervlakte’ helaas op verschillende punten tekort.
In ‘Ondervlakte’ nemen Marjolijn van Heemstra en Roald van Oosten het publiek mee naar de diepzee. De daling is minder eng dan verwacht. Dat ligt niet aan het onderwerp, de diepzee boeit van meet af aan, maar aan de uitvoering. ‘Ondervlakte’ wordt aangeboden als radioshow. Van Heemstra versnippert de daling in korte fragmenten. Tussendoor participeert publiek in een antwoordvraagspel en wiegt het mee op Spinvisachtige luisterliedjes. De tussendoortjes houden zijdelings verband met het onderwerp, Van Oosten zingt onder meer “een doorzichtige vis” te zijn, maar gaan nergens echt de diepte in.
Lees verder >>>
Straat Kees, Eddie en René Festival: de Parade
Vertrouwde muzikale niets-aan-de-hand-humor bij Kees, Eddie en René
Kees van der Vooren en Eddie B. Wahr staan al jaren garant voor hoog kwalitatief en toch luchtig muziektheater op de Parade. Onder de vlag van Orkater vormden ze met Beppe Costa al het Tropies Trio, ditmaal opereren ze samen met René van ’t Hof onder de nietsverhullende naam ‘Kees, Eddie en René’. Hun nieuwe Paradevoorstelling, ‘Straat’, is er weer één van het vertrouwde kaliber.
“René hebben we erbij gevraagd om te bewegen, maar dat hebben we hem eigenlijk nog niet zien doen”, vertellen Kees en Eddie gekscherend, terwijl ze op een balkonnetje staan te musiceren. René van ’t Hof, die vorig jaar nog de VSCD-mimeprijs won voor de voorstelling ‘Vallende Ster’, blijkt wel degelijk zijn sterke fysieke spel in te kunnen zetten in deze voorstelling. Bas spelen en zingen kan hij ook, zoals hij op het balkonnetje te zien en te horen is. De gevel rondom het balkon hangt vol met muziekinstrumenten: een handige vondst met al die verschillende gitaren, banjo’s e.d. die er bespeeld worden. En het staat nog leuk ook.
Lees verder >>>
De nieuwste voorstelling van Ann Van den Broek ‘We Solo Men’ is afgelopen zondag tijdens Julidans in Amsterdam in première gegaan. Na Zwaan-winnaar ‘Co(te)lette’, een choreografie voor drie vrouwelijke dansers en ‘I Solo Ment’, een choreografie voor een man en vrouw en genomineerd voor de Zwaan 2008/2009, heeft Van den Broek dit maal een voorstelling geheel voor mannen gemaakt. Wederom weet Van den Broek met haar eigen danstaal een boeiende en uitdagende voorstelling neer te zetten.
Hoewel er dit keer alleen mannenrollen zijn, sluit Van den Broek geen vrouwelijke dansers uit. Favoriet Cecilia Moisio danst overtuigend en sterk de rol van één van de mannen. Ook danseres Judit Ruiz Onandi heeft een rol in deze productie. De overige rollen worden wel gedanst door mannen, waaronder vaste danser Dario Tortorelli en nieuwkomers bij Van den Broek Andreas Kuck, Jan Martens en stagiair Jan Deboom.
Lees verder >>>
Rotterdamse Paradegangers konden vorig jaar al genieten van ‘Three’ van Conny Janssen, maar deze zomer is haar werk voor het eerst ook op de Parade in andere steden te zien. De rondreizende theaterkermis wil een serieuzer imago en programmeert daarom onder andere meer dansvoorstellingen.
Onder het motto ‘drie is teveel’ dingen de dansers Maarten Hunink, Martijn Kappers en Lola Mino om de aandacht van het publiek. En die aandacht vangen ze. In de stampvolle Paradetent zitten ze met z’n drieën links van het verder lege, zwarte speelvlak. Wanneer ze rustig de dansvloer betreden, zakken ze ineen om dan ineens helemaal los te komen. Hun dans is levendig, vol actie, afwisselend en waar nodig mooi synchroon. Bovendien kent de voorstelling een subtiele verhaallijn. De drie dansers vechten niet alleen om de aandacht van het publiek, maar de jongens lijken ook om de aandacht van het meisje te vechten. Een oeroud thema, dat altijd blijft boeien. Het verhalende karakter van de dans maakt deze voorstelling bovendien geschikt voor een wat onervarener danspubliek, dat op de Parade eens iets nieuws wil proberen.
Af en toe zondert één van de dansers zich af, door passiviteit of door zich op een andere plek van het speelvlak te begeven. Trekt deze danser hiermee de aandacht naar zich toe? Of geeft die hiermee juist de andere twee de ruimte om te schitteren? Het indrukwekkendst zijn de momenten waarop Hunink, Kappers en Mino samenwerken. Het gooi- en smijtwerk dat ze soms met elkaar uithalen, getuigt van een geweldige lichaamsbeheersing. Het lijkt bijna acrobatiek: de mannen laten de danseres op hun voeten balanceren en één van hen draagt haar op zijn rug omhoog.
Lees verder >>>
Carmen De Nederlandse Opera
Overbodige ‘Carmen’ bij De Nederlandse Opera
Disclaimer: Hoewel TheaterCentraal.nl bij eerdere voorstellingen welkom was bij De Nederlandse Opera, weigert deze organisatie sinds de aanstelling van criticus Mark Duijnstee perskaarten te verstrekken. In het kader van de persvrijheid heeft TheaterCentraal.nl besloten zich niet te laten censureren door het gezelschap, en koopt daarom toegangsbewijzen voor de opera’s van DNO. Hoewel door deze kwestie en de verstoorde relatie met DNO in onze optiek de journalistieke integriteit van de criticus en het medium niet worden aangetast, achten wij het in het kader van transparantie evengoed van belang de lezer hiervan op de hoogte te stellen opdat hij hierover zijn eigen opinie kan vormen. De hoofdredactie
‘Carmen’ van De Nederlandse Opera (DNO) is zo’n uitermate zwakke voorstelling, dat zonder meer gesteld kan worden dat deze niet thuishoort op het Holland Festival in Amsterdam, toch het meest prestigieuze, internationale festival dat Nederland kent.
Waarom ‘Carmen’ van Georges Bizet (1838 – 1875) op het programma is beland, blijft in deze vertolking volstrekt onduidelijk. De opera door DNO is een vreemde, onaangename eend in de bijt tijdens Holland Festival 2009, dat zich kenmerkt door zware en bijzondere hedendaagse producties. De voorstelling past ook nauwelijks binnen het thema Serenity & Anxiety. En aangezien het Holland Festival over uitverkochte zalen meestal geen klagen heeft, kan het feit dat ‘Carmen’ een publiekstrekker is, ook niet echt als een legitieme - zij het weinig artistieke - reden worden aangemerkt.
Lees verder >>>
Recensie door Celia Noordegraaf
Al vijfentwintig jaar worden in het Openluchttheater in het Amsterdamse Bos in de zomer voorstellingen gegeven. Voor het jubileumjaar bewerkte en regisseerde Frances Sanders ‘The tempest’ van William Shakespeare. Ondanks het wederom prachtige decor van Stan Lutz en het sfeervolle lichtontwerp van Reier Pos, slaagt het gezelschap er helaas niet in een echt magische sfeer op te roepen. Er wordt veel overgeacteerd of gedeclameerd. Mooie bijrollen van onder andere Hendrik Aerts als Kalibaan en Bart Rijnink als Ariel plus de onovertroffen locatie maken wel het een en ander goed.
Op een eiland dat wordt bevolkt door kwade geesten zijn hertog Prospero, de voormalige hertog van Milaan, en zijn dochter Miranda aangespoeld. Twaalf jaar varen de vijanden die hem van zijn troon gestoten hebben langs het eiland: zijn broer Antonio en Alonso, de koning van Napels. De hertog wendt zijn magische krachten aan en laat een storm opsteken die de koning en zijn reisgezelschap op zijn eiland doet belanden. Prinses Miranda valt ogenblikkelijk voor prins Ferdinand, de zoon van koning Alonso. Uiteraard vinden eerst de nodige verwikkelingen plaats, voordat de hertog zijn troon terugheeft en de beide gelieven elkaar krijgen.
Lees verder >>>
Opnieuw koos regisseur Johan Simons van NT Gent een jaren ’30-verhaal voor een hedendaagse voorstelling. ‘Kasimir en Karoline’ is een liefdesverhaal, dat zich afspeelt tijdens de oktoberfeesten in München in crisistijd. De samenwerking van NT Gent met de Veenfabriek resulteert in prachtig muziektheater op een zeer bijzondere locatie, de voormalige militaire vliegbasis Soesterberg. Na 5 juli begint de voorstelling aan een internationale tournee, waarbij onder meer het wereldberoemde Festival d’Avignon aan wordt gedaan.
Na ‘Vergeten Straat’ en ‘Hiob’ komt Johan Simons opnieuw met een voorstelling die zich afspeelt in de jaren dertig. Ődön von Horváth schreef zijn stuk ‘Kasimir en Karoline’ in 1931. De thematiek is echter onverminderd actueel. Kasimir, een mooie rol van Wim Opbrouck, is zojuist zijn baan kwijtgeraakt en beducht dat hem dat ook zijn bruid kost, Karoline. Zijn angst en onvermogen om met de situatie om te gaan, leiden tot een tragische selffulfilling prophecy. Els Dottermans speelt een prachtige jonge, mooie, en vitale Karoline die in de loop van het stuk haar naïveteit maar niet haar levenslust kwijtraakt.
Lees verder >>>
Recensie door Mark Duijnstee
Dutch National Opera Academy brengt elk half jaar een opera op de planken en voor het project van 2009 koos zij ‘Così fan tutte’ van Mozart. De sympathieke uitvoering is met eer geslaagd.
Dutch National Opera Academy (DNOA) is een samenwerking tussen de conservatoria van Den Haag en Amsterdam en biedt sinds 1996 een tweejarige, voorgezette opleiding aan jonge operazangers. Voor de opvoering van dit jaar koos men de opera ‘Così fan tutte’, de laatste van de drie komedies van Wolfgang Amadeus Mozart (1756 – 1791) en zijn librettist Da Ponte, die in 1790 in Wenen in première ging. Het verhaal gaat over de strijd tussen de seksen en werd door Wagner en Beethoven veroordeeld als immoreel en oppervlakkig. De uitdaging van ‘Così fan tutte’ zoeken we tegenwoordig in haar tweeslachtigheid, de muzikale schoonheid en de expressiviteit van de opera als de weddenschap tussen de mannen om de trouw van hun geliefden begint.
Lees verder >>>
Een lege verdorven wereld vol leugens, overspel en misdaad, dat is de wereld die Georg Büchner in 1837 schetste in ‘Woyzeck’. Martin Kušej, regisseur van ‘Woyzeck’ anno 2009, plaatst deze verdorven wereld in een iets ander perspectief, namelijk als Woyzecks interpretatie van de wereld. Een decor dat naadloos aansluit bij deze kijk op de wereld en het overtuigende spel van de acteurs, zorgen ervoor dat het publiek wordt ondergedompeld in de verdorven sfeer die de voorstelling uitstraalt.
Georg Büchner, in 1837 op 23-jarige leeftijd gestorven aan tyfus, liet drie meesterwerken achter die vandaag de dag nog steeds actueel zijn en veelvuldig gespeeld worden. ‘Woyzeck’ was zijn laatste, onvoltooide, toneeltekst. Het bestond alleen uit losse scènes, die na Büchners dood door zijn broers tot een samenhangend verhaal zijn geschreven. ‘Woyzeck’ is gebaseerd op het leven van soldaat Christian Woyzeck, die in 1824 ter dood veroordeeld werd voor de moord op zijn vriendin. De vraag die Büchner zich destijds stelde, was of Woyzeck wel toerekeningsvatbaar was voor zijn daad. Of was de druk van de maatschappij verantwoordelijk voor Woyzecks psychische toestand? Regisseur Martin Kušej van het Bayerisches Staatsschauspiel daarentegen, legt de verantwoordelijkheid bij Woyzeck zelf. De verdorven maatschappij bevindt zich namelijk in Woyzecks eigen interpretatie van de wereld en hiermee zet hij zichzelf buiten spel.
Lees verder >>>
Hiob Johan Simons/Münchner Kammerspiele Festival: Holland Festival